Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Zeemonster 1 van Andromeda

Het zwwmonster van Andromeda

Omdat Cassiopea 1 beweerde dat de schoonheid van haar dochter Andromeda die van de Nereiden. De Nereiden klagen hierover bij Poseidon die partij kiest voor de Nimfen en als straf een watervloed op de Ethiopiërs afstuurt. Bovendien stuurde hij een Zeemonster 1 van enorme afmetingen naar de kust van Ethiopië om de bewoners te teisteren. Die zijn ten einde raad, want het monster verslindt alle vissers die met hun boot de zee op willen gaan, en komt soms ook het land op om mensen te doden.

De Ethiopische ziener Ammon 1 voorspelt dat ze alleen van deze ellende verlost kunnen worden als ze Andromeda als voer aan het Zeemonster 1 te eten geven. Koning Cepheus 2 weigert om zijn dochter op deze manier te verliezen, maar de druk op hem wordt zo hoog opgevoerd dat hij uiteindelijk besluit om toe te geven. Andromeda wordt meegesleurd en, onder begeleiding van een grote stoet mensen, met uitgespreide armen en kettingen stevig aan een rotspunt vastgeklonken die in zee uitsteekt. Snel lopen de bewoners terug naar hun stad en kijken uit de verte toe wat er gaat gebeuren. Ze zien het Zeemonster 1 al ver in zee aan komen zetten maar komt op dat moment de held Perseus 1 op zijn gevleugelde paard Pegasus in de hemel aangevlogen.

Perseus 1 vliegt snel naar plek van het onheil, ziet in één oogopslag dat Andromeda een geweldige schoonheid is, en raakt onmiddellijk verliefd. Andromeda in de lucht naderend zegt hij tegen haar: ‘Die ketens passen niet bij jou, ik smeek je, zeg me hoe de streek hier heet en waarom je zo vastgeketend bent?’ De huilende Andromeda zegt eerst niets maar toen hij aandrong noemde ze haar naam en vertelde waarom ze vastgeketend was. Ze is nog niet uitgesproken of de zee komt in beroering en Andromeda slaakt een gil. Snel komen haar vader en moeder aangelopen die het niet kunnen aanzien dat hun dochter zo moet lijden en sluiten Andromeda in hun armen terwijl ze voortdurend een jammerklacht laten horen.

Dan roept Perseus 1 tegen Cepheus 2: ‘Voor tranen is later tijd genoeg, maar voor redding hebben we nog maar kort de tijd. Ik, Perseus 1, zoon van Zeus, zal haar redden als u uw dochter aan mij als vrouw wil schenken. Ik eis dat ze aan mij wordt gegeven als ik haar heb gered!' Cepheus 2 aarzelt geen moment en stemt toe, meer nog, hij smeekt zelfs om zijn dochter te redden. Onmiddellijk stuurt Perseus 1 zijn paard de hoogte in en gaat op het monster af, dat de rots al dicht was genaderd. Vanuit de lucht springt Perseus 1 op de rug van het monster, en steekt zijn zwaard rechts in de flank van het sidderende dier, tot aan het kromgebogen heft.

Gepijnigd door de diepe wond verheft het Zeemonster 1 zich hoog in de lucht, duikt dan weer onder water, en wendt zich als een wild zwijn van naar links en rechts waar een hondenmeute blaffend op afspringt. Maar het monster wordt telkens opnieuw tussen zijn ribben gestoken door Perseus 1, en in zijn rug, waar een dikke laag schelpen op gekleefd zat. Uiteindelijk braakt het Zeemonster 1 dikke stralen rood bloed het hemelruim in, en wordt het de genadeslag toegediend door Perseus 1, die zijn zwaard diep in zijn onderlijf stak.

Bronnen:

©2016 Maarten Hendriksz