Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Admetus 1

Jeugd

Admetus 1 is een zoon van koning Pheres 1 uit Pherae en diens vrouw Clymene 4 (Periclymene), de dochter van Minyas. Net als zijn broer Lycurgus 4 wordt Admetus 1 in Thessalië geboren waar hij opgroeit als een buitengewoon deugdzame en vrome man. Door deze eigenschappen is Admetus 1 geliefd bij de goden.

In zijn jeugd geeft Admetus 1 gehoor aan de oproep van koning Oeneus 1, uit Calydon, om hem te helpen een groot en monsterlijk Everzwijn 2 te doden dat zijn landerijen onveilig maakt. Admetus 1 gaat naar het hof van koning Oeneus 1 en wordt daar negen dagen lang gastvrij onthaald. Op de tiende dag ontstaat er onenigheid tussen Cepheus 1 en Ancaeus 1 omdat Atalanta, een vrouw, zich ook heeft aangemeld voor de jacht. De zoon van koning Oeneus 1, Meleager, sust de ruzie en zegt dat Atalanta ook mee mag doen waarna de jacht begint. Admetus 1 neemt hier fanatiek aan deel en wordt uiteindelijk het monster de dodelijke steek toegebracht door Meleager waarna Admetus 1 weer naar huis terugkeert..

Admetus 1 geeft ook gehoor aan de oproep van Iason om deel te nemen aan de tocht om de Gouden Vacht. Samen met vijftig andere helden uit Griekenland, die de Argonauten genoemd worden, zeilen ze vanuit Iolcus, onder aanvoering van Iason, met het schip de Argo naar Colchis. Onderweg beleven zij vele avonturen, weten ze met veel inspanningen de vacht te veroveren, en keren bijna een jaar later, na een grote omweg te hebben gemaakt, weer heelhuids terug in Thessalië.

Wanneer de Zeven tegen Thebe oprukken en in Nemea spelen organiseren, gaat Admetus 1 ook naar Nemea en om deel te nemen aan de spelen met zijn merries. In een spannende race wordt Admetus 1 tweede en ontvangt als prijs een prachtige purperen mantel.

Apollo in loondienst

Als zijn vader op leeftijd is gekomen erft Admetus 1 het koningschap over Pherae. Tijdens zijn regering, nadat Apollo de Cycloop Steropes heeft gedood, stuurt oppergod Zeus de god voor straf een jaar lang in loondienst naar Admetus 1. Deze durft hem, uit eerbied en vroomheid, geen ondergeschikte te noemen, brandt wierook voor Apollo, en stelt hem uiteindelijk met veel schroom aan als herder over zijn grote kuddes.

Admetus in zijn wagen

In zijn functie van herder doet Apollo een jaar lang dienst en zwerft met zijn kuddes rond bij de rivier Amphrysos en in de bossen van Ossa of bij het water van Boebeis. Gedurende die periode hadden de dieren van Admetus 1 geen gebrek aan jongen, of waren ze onvruchtbaar. Het land en haar bewoners wordt door de aandacht van Apollo zelfs zo vruchtbaar dat het overbevolkt dreigt te raken. Admetus 1 ziet zich dan ook gedwongen om van de bevolking één op de tien mannen, waaronder Leucippus 9, een afstammeling van Bellerophon, weg te sturen om elders een kolonie te stichten.

Huwelijk en kinderen

Admetus 1 laat zijn oog vallen op Alcestis, de mooie dochter van koning Pelias 1. Deze wil zijn dochter alleen uithuwelijken aan de man die in staat is om een leeuw en een everzwijn voor zijn wagen te spannen. Op dat moment komt de Apollo Admetus 1 te hulp en spant de twee dieren voor een wagen. Ook voorspelt hij Admetus 1 dat deze een hoge leeftijd zal bereiken.

Admetus 1 gaat met zijn tweespan, getrokken door leeuw en het everzwijn, naar het hof van koning Pelias 1. Die kan niet anders dan toestemmen in het huwelijk en geeft Admetus 1 zijn dochter als vrouw. Tijdens de bruiloft vergeet Admetus 1 echter aan Artemis te offeren. De godin is hier zo kwaad over dat zij op wraak zint. Wanneer Admetus 1 na de bruiloft de slaapkamer in wil gaan om zijn echtelijke plicht te vervullen, is deze gevuld met een overvloed aan kronkelende slangen.

Dan redt Apollo hem van een zekere dood en vertelt Admetus 1 dat Artemis genoegdoening van hem eist maar dat hij een afspraak met de Schikgodinnen (Moiren) heeft gemaakt. Wanneer voor Admetus 1 het moment om te sterven is aangebroken wordt Admetus 1 gevrijwaard van de dood als hij iemand anders bereid vindt om vrijwillig in zijn plaats te sterven.

Admetus 1 en zijn vrouw, Alcestis, wonen daarna jarenlang gelukkig samen. Net als Admetus 1 ontwikkelt Alcestis zich tot een vrome, trouwe en liefdevolle vrouw. Ze verwekken een dochter, Perimele 4, en twee zoons, Eumelus 1 en Pheres 4. Deze zoons gaan later in het Griekse leger mee naar de Trojaanse oorlog. Aan Eumelus 1 geeft Admetus 1 drie uitmuntende paarden mee die door Apollo zijn gefokt en geoefend.

Alternatieve versie

Volgens een enkele mythe verkreeg Admetus 1 zijn vrouw Alcestis, toen koning Pelias 1 werd gedood door zijn dochters nadat die waren misleid door Medea 1. Alcestis had als enige van Pelias' 1 dochters niet meegedaan aan de brute moord op haar vader. Iason, de aanvoerder van de Argonauten schenkt vervolgens Alcestis als vrouw aan Admetus 1.

Uitgestelde dood

Dood van Alcestis

Toen Admetus 1 ziek werd en ontdekte dat hij stervende was, probeerde hij dit te voorkomen door bij Apollo te smeken. Die herhaalt dat hij niets aan zijn ziekte kon doen tenzij hij iemand vond die vrijwillig in zijn plaats de dood zou accepteren. Admetus 1 smeekt zijn ouders of deze voor hem willen sterven, zij hebben al een hoge leeftijd bereikt en toch al niet lang meer te leven. Maar zowel zijn vader als zijn moeder hechten te zeer aan hun leven en weigeren op het verzoek van hun zoon in te gaan.

Uiteindelijk zegt zijn vrouw Alcestis dat zij, uit liefde voor haar man, bereid is om voor hem te sterven zodat Admetus 1 kan doorleven. Ze dwingt wel af dat Admetus 1 niet mag hertrouwen en zelf voor hun kinderen moet zorgen en ze grootbrengen om te voorkomen dat hun stiefmoeder hen kwaad berokkent.

Op de bewuste dag van Alcestis’ dood komt Heracles toevallig op bezoek als deze de Diomedes 2, in opdracht van Eurystheus, moet gaan halen. Hij ontdekt wat er aan de hand is en, rechtschapen als hij is, besluit naar de onderwereld te gaan om Alcestis te redden. Na enkele dagen keert Heracles, met Alcestis, terug uit de onderwereld en schenkt haar levend en wel aan Admetus 1 waarna het stel nog vele jaren leeft en samen oud wordt.

Stamboom:

Pheres 1 Clymene 4 Pelias 1 Anaxibia 2 / Phylomache
Admetus 1 Alcestis
Eumelus 1, Perimele 4, Pheres 4

Bronnen:

©2014 Maarten Hendriksz