Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Aetheria

Aetheria vormt samen met haar negen zusters, Merope 4, Arethusa 5, Dioxippe 2, Helie, Lampethusa, Lampetie, Aegle 2, Phaethusa en Phoebe 4, een groep binnen de vele vrouwelijke Heliaden. Ze zijn dochters van de zonnegod Helius en de Oceanide Clymene 5, die in Ethiopië werden geboren.

Wanneer hun broer Phaethon 1 eens in de zonnewagen van zijn vader Helius mag rijden gaat dat vreselijk mis. Phaethon 1 raakt de controle over de paarden kwijt waardoor de zon uit koers raakt en veel te dicht bij de aarde komt. Alles waar hij met zijn wagen langs komt vliegt in brand en uiteindelijk stort hij, door ingrijpen van Zeus met een bliksem, neer in de Eridanus. (De Po in Italië.)

Een jammerende Heliad

De Heliaden zijn diep in de rouw, vanwege de dood van hun broer, stompen zich op hun borst, roepen dag en nacht om Phaethon 1, en knielen huilend langs de rivier bij zijn graf. Zeus krijgt medelijden met de meisjes en wanneer Phaethusa, de oudste van de meisjes, wil knielen klaagt zij dat haar voeten verstijven. Als Lampetie haar wil helpen zit het meisje plotseling met wortels vast aan de grond, en als de derde haar met haar handen wil grijpen, rukt ze er blaadjes af.

De meisjes kermen dat er een stam langs hun benen groeit, en hun armen lange takken worden. Terwijl ze hier verbijsterd naar kijken sluit de boomschors zich om hun heupen en kruipt steeds hoger over buik, borst, schouders en armen, totdat alleen de hoofden overblijven. Kermend roepen zij om hun moeder Clymene 5 die niets anders kan doen dan steeds weer één voor één langs haar dochters gaan om hen voor de laatste keer te omarmen.

Ze probeert hen ook los te rukken van hun stronk maar breekt met haar handen alleen maar dunne takken af, waarna er druppels rood bloed naar buiten vloeien. ‘Spaar ons, moeder, spaar ons,’ roepen de meisjes van pijn, ‘je pijnigt ons en worden in de boom gefolterd!’ De boomschors overdekt hun monden terwijl ze ‘Vaarwel moeder, vaarwel!’ roepen. Sindsdien vloeien hun tranen. Van hun jonge populierentakken druipt een vocht dat in de zon tot barnsteen stolt, en door het heldere water als druppels olie van olijven wordt vervoerd om tot sieraad te worden voor lieftallige meisjes.

Stamboom:

Helius Clymene 5 - -
Aetheria -
-

Bronnen:

©2014 Maarten Hendriksz