Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Ares 1 - Enyalius - Mars - Mavors - Gradvius

Inleiding

Algemeen

Ares, god van de oorlog

Ares 1, die ook Enyalius, Mavors of Mars in het Latijns wordt genoemd, is de god van de oorlog, en op aarde verantwoordelijk voor alle geweld, gevechten en botsingen die tussen mensen plaatvinden. Zittend op een hoge top van de berg Haemeus houdt hij de wereld in de gaten en gaat, zodra hij een oorlog ontdekt, er onmiddellijk op af om de mensen te doordrenken met strijd- en moordlust. Dan springt hij in zijn gouden strijdwagen, zweept zijn paarden Angst 2 en Vrees 2 aan, en duikt vanuit de hemel naar beneden om de strijd aan te wakkeren. Als hij aankomt bij de strijd dendert de grond onder de hoeven van zijn paarden, en de wielen van de strijdwagen. Dan laat hij zijn luide strijdkreten horen en neemt met groot genoegen, en een van vreugde vervuld hart, vaak ook zelf deel aan de strijd. In de strijd gaat hij als een waanzinnige tekeer en ziet nadien rood van het bloed van zijn slachtoffers.

Afstamming

Ares 1 is een zoon van de oppergod Zeus en zijn vrouw Hera. Hij heeft drie zussen: Eris, de godin van de tweedracht, Eileithyia, de godin van de geboorte en Hebe 1, de godin van de jeugd. Het karakter van Ares 1 komt al snel bovendrijven en noemt Zeus hem een onbeschaamde kerel die hij liever kwijt dan rijk is. Met zijn onstuimige karakter heeft Ares 1 weinig respect voor de andere goden en maakt vaak ruzie met hen. Vooral met Athena heeft Ares 1 menigmaal een discussie. Hij koestert een gezonde angst voor zijn vader Zeus maar een warme genegenheid voor zijn moeder Hera en helpt haar direct als zij hem iets vraagt. Zo jaagt hij de arme Leto op, vanaf zijn bergtop in Thracië, wanneer ze in verwachting is, van Apollo en Artemis, en een plek zoekt om haar kinderen ter wereld te brengen. Net als alle andere goden is Ares 1 ook onderhevig aan de grillen van de liefdesgod Eros die hem dan met ijzeren ketens bindt.

Verschijning

Hoewel onsterfelijk, en onkwetsbaar, draagt Ares 1 een gouden harnas, een rond schild en een helm die door de stralen van de zon een laaiend vuur lijken uit te stralen en de krijgers tot nog meer geweld en moordlust aansporen. In zijn handen heeft hij een zware speer van grenenhout met een ijzeren punt. Hij is een grote god, met een breed en sterk lichaam, die bijna niet te stoppen is in de strijd, hoewel Apollo dapperder en Athena sterker was dan hij. Vanwege zijn moordlustige en ruzieachtig karakter wordt hij alleen door soldaten vereerd maar hebben alle andere mensen een hekel aan Ares 1. Als woonplaats koos hij dan ook Thracië waar vele krijgslustige mensen woonden.

Huis van Ares 1

In het stormachtige en koude Thracië bouwt hij zijn huis, dat in een dor bos staat op de woeste hellingen van de Haemus. Het is omringd door een ijzeren muur waarin slechts één poort is opgenomen. Het dak van zijn huis wordt gedragen door ijzeren pilaren en de stralen van de zon weerkaatsen nauwelijks van het sombere verblijf. Passende bewakers als Passie, Onheil, Woede en Angst houden daar de wacht terwijl Tweedracht altijd op de loer ligt. Op de binnenplaats staat Moed en Woede met de wapens in de handen gereed om elke binnendringer naar de onderwereld te helpen. Op de altaren ligt geen bloed, maar oorlog, en ligt er buit uit elk land omheen. Fragmenten van veroverde steden versieren de tempel en muren. Elke vorm van geweld is er te vinden terwijl rondom het huis de schuimbekkende oorlogspaden in de weiden rennen.

Gigantenstrijd

Omdat Zeus de Titanen in de Onderwereld heeft opgesloten is de Aarde, hun moeder Gaea, boos op Zeus en brengt een geslacht van Giganten voort. Deze reuzen van enorme omvang en lichaamskracht vallen met donderend geweld de woonplaats van de goden op de berg Olympus aan. Dan wordt Ares 1, net als alle andere goden door Zeus naar de Olympus geroepen voor een vergadering. Zeus spreekt daar alle goden toe en roept hen op deze Giganten te bestrijden. Dit hoeft hij geen twee keer te zeggen en het hart van Ares 1 zwelt op bij de gedachte aan de woeste strijd met die reuzen. Als eerste stuurt hij zijn paarden, onder het slaken van een enorm gebrul, op de vijand af, terwijl zijn gouden schild straalde als vuur en zijn helm schitterde in de zon. Hij trof als eerste Pelorus 2 die hij met zijn zwaard in zijn lies stak. Precies op de plek waar de twee slangenbenen bijeen kwamen.

Jubelend over zijn overwinning stuurt Ares 1 zijn strijdwagen over het stervende lichaam van de Gigant totdat de wielen rood worden van het bloed. Dan stormt Mimas 1 naar voren om zijn broer Pelorus 2 te wreken en wil het eiland Lemnos, dat hij uit zee had losgerukt, op Ares 1 werpen. Maar Ares 1 was hem te snel af en werpt zijn speer naar Mimas 1. Het wapen doorboort het hoofd van de reus waarna de verbrijzelde hersens zich over de grond verspreidden. Moeder Gaea laat haar kinderen echter telkens opnieuw herleven waardoor Ares 1 menigmaal tegenover dezelfde tegenstander komt te staan. Uiteindelijk worden de goden geholpen door de held Heracles die, met zijn giftige pijlen, als enige in staat is om de Giganten werkelijk te laten sterven. Zo slagen de goden er uiteindelijk in om deze aanval af te slaan en keert de rust voorlopig weer terug op de Olympus.

Aphrodite

Overspel

Door toedoen van Eros raakt Ares 1 volledig in de ban van de mooie, maar getrouwde Aphrodite. En ook Aphrodite, die op bevel van Zeus met Hephaistus getrouwd was, zag Ares 1 wel zitten. De anders zo onbehouwen Ares 1 paait de liefdesgodin en al snel delen zij samen meerdere keren het bed in het huis van Hephaistus. Maar zonnegod Helius, die vanuit de hoogte alles zag wat er overdag op de aarde gebeurde, verklapte dit overspel aan Hephaistus. Die was zwaar beledigd en verzon een list om het tweetal te betrappen en te schande te zetten. Zonder dat Aphrodite het merkt hangt hij boven hun bed een ragfijn, maar onverbrekelijk, net en zegt tegen Aphrodite dat hij enige dagen naar Lemnos gaat.

Ares 1, die al die tijd het huis in de gaten houdt, ziet Hephaistus vertrekken en gaat, smachtend naar een vrijpartij, direct naar Aphrodite. Bij binnenkomst omhelst hij de liefdesgodin en zegt: ‘Kom, liefste, laten we naar bed gaan en genot delen, want Hephaistus is niet meer in de buurt.’ Ook Aphrodite brandt van verlangen en samen gaan ze naar de slaapkamer, kleden zich uit, waarna ze naakt op het bed gaan liggen. Ze liggen nauwelijks of het net valt naar beneden en het stel wordt gevangen. Ze kunnen hun ledematen niet meer bewegen of losmaken en drong het tot ze door dat ontsnappen onmogelijk was. Lang hoeven ze niet te wachten want even later komt Hephaistus binnenstrompelen die zich in de buurt verscholen had.

Neerslachtig ziet hij het tweetal liggen en brult naar de andere goden: ‘Vader Zeus en de andere goden, kom hier eens kijken naar iets lachwekkends en ongepast. Aphrodite bedriegt me omdat ik mank ben, en is verliefd op die afzichtelijke Ares 1, omdat hij meer recht van leden is. Maar ik, ik ben mank vanwege mijn ouders, die me nooit voort hadden moeten brengen. Maar komen jullie nu kijken waar die twee samen liggen. Nota bene in mijn eigen bed, en ik moet dat, pijnlijk getroffen, aanzien. Ik denk niet dat zij daar zo tentoongesteld willen liggen, al zijn ze gek op elkaar. Mijn listige valstrik houdt ze vast tot Zeus al mijn bruidsschatten teruggeeft die ik aan hem voor dat schaamteloze wicht gaf. Ze mag dan een beeldschone vrouw zijn, maar wel een losbandige.

Godenplezier

Ares en Aphrodite betrapt

Op zijn geschreeuw komen de andere goden snel naar het huis van Hephaistus, terwijl de godinnen beschroomd thuis blijven. Daar zien Poseidon, Hermes en Apollo de twee gevangenen naakt op het bed liggen. Een onbedaarlijk gelach rijst uit hun kelen omhoog als zij de valstrik van Hephaistus zien en zeggen tegen elkaar: ‘Wangedrag loont niet! De schildpad troeft de haas af. Kijk toch hoe Hephaistus, traag als hij is, zelfs Ares 1 bij de neus neemt, ook al is die de snelste van de goden die de Olympus bewonen.’ Zo spreken zij tegen elkaar en Apollo zegt tegen Hermes: ‘Hermes, zou jij nu, omsnoerd door die sterke banden, in bed willen liggen bij de mooie Aphrodite?’ Met een glimlach op zijn lippen antwoordde Hermes: ’Ach, mocht me dat ooit te beurt vallen, Apollo, drie maal zoveel boeien zouden mij mogen omsnoeren, en dan zouden jullie toch mogen toekijken. Ja, ik zou zo wel bij haar in bed willen liggen’.

Maar Poseidon kon daar niet om lachen en drong er bij Hephaistus op aan om Ares 1 te bevrijden. Hij zegt tegen hem: ‘Maak hem los, Hephaistus, en ik beloof je dat Ares 1 jou de gepaste boete zal geven die je wenst voor de ogen van de onsterfelijke goden’. Maar Hephaistus is nog steeds boos en zegt tegen Poseidon: ‘Beveel me dat niet, Poseidon. Hoe zou ik jou onder de onsterfelijke goden tot nakomen kunnen pressen, als Ares 1 ervandoor gaat en zijn verplichting ontduikt?’ Dan reageert Poseidon opnieuw: ‘Hephaistus, als Ares 1 zijn verplichting probeert te ontlopen zal ik het zelf op me nemen om die straf uit te voeren.’ Na deze woorden is Hephaistus tevreden en maakt de boeien los. Toen het tweetal bevrijd was wilde Ares 1 niet terugkeren naar de Olympus en vertrok wrokkend naar Thracië.

Kinderen

Deze escapade bleef echter niet zonder gevolgen. Door de vrijpartij baarde Aphrodite vier kinderen: de sterfelijke dochter Harmonia 1 en drie goddelijke zoons: Phobus, Deimos en Eros. De eerste twee zoons werden de dienaren van Zeus maar zouden hun vader ook vaak terzijde staan tijdens de vele veldslagen waar hij zijn opwachting maakte. Aphrodite verzorgde haar dochter Harmonia 1 niet zelf en bracht die naar de Nimf Electra 3, de dochter van Atlas, om haar groot te brengen in het uiterste westen van de wereld.

Zeus Hera Uranus / Zeus Zeeschuim / Dione 1
Ares 1 Aphrodite
Harmonia 1, Phobus, Deimos, Eros

Aloeaden

Wanneer de Aloeaden, de broers Otus 1 en Ephialtes 2, de goden op de Olympus bedreigen door de Ossa en de Pelion op elkaar te stapelen, om naar de hemel te klimmen is niets hen te dol. Zo maakt Ephialtes 2 Hera het hof en Otus 1 Artemis. Ares 1, die naar de Olympus snelt om zijn moeder te ontzetten, wordt door het tweetal geboeid met sterke ketenen. Ze sluiten hem op in een bronzen kruik waar hij niet uit kan ontsnappen. Na dertien maanden, als Ares 1 op het punt staat te bezwijken, wordt hij heimelijk uit zijn benarde situatie bevrijd door zijn moeder Hera, of Hermes, die van de situatie op de hoogte was gebracht door Eriboea 1. Gelijktijdig wordt het tweetal door Artemis gedood nadat ze zich veranderd had in een hinde, en tussen het tweetal doorspringt op het eiland Naxos. De broers werpen direct hun speer om de hinde te treffen maar raken elkaar dodelijk in plaats van het dier.

Typhon

De aardgodin Gaea was nog steeds kwaad op Zeus omdat die haar kinderen, de Titanen, in de onderwereld had opgesloten en verantwoordelijk was voor de dood van de Giganten. Opnieuw stuurt ze een groot kwaad op Zeus en zijn goden af om hen uit de hemel te verdrijven. Ditmaal baart ze een monster van ongekende afmetingen, Typhon. Tot aan zijn middel in de zee staand, rijkt deze met zijn hoofd tot aan de sterren en zaait verderf en verdoemenis op aarde en tussen de sterren. Als het reusachtige monster op de Olympus afkomt, slaan de goden van angst op de vlucht en gaat Typhon hen achterna. Alle goden, uitgezonderd Zeus, vluchten naar Egypte waar ze elk een andere vorm aannemen om zich te verschuilen. Zelfs de onverschrokken Ares 1 zakt de moed in de schoenen en verandert zich in een vis. Maar Zeus laat zich niet aftroeven en roept de goden terug naar de Olympus. Samen met zijn twee zoons schaart Ares 1 zich bij Zeus op de Olympus en vult met zijn donderende strijdkreet de lucht. Uiteindelijk weet Zeus, vanuit zijn hemelwagen, Typhon te verslaan met zijn bliksemschichten en hem te verjagen naar het eiland Sicilië waar hij de berg Etna op hem werpt en het monster sterft.

Stichting Thebe

De Draak 3

De Draak van Ares

In Thebe bezit Ares 1 een heilige bron in Boeotië bij de rivier Dirce, die hij door één van zijn zoons, Draak 3, welke hij bij een onbekende vrouw had verwekt, laat bewaken. Wanneer Cadmus met zijn gevolg op zoek is naar zijn zus Europa 2 komt hij bij deze bron terecht. De Draak 3 doodt direct vele mannen van Cadmus die uiteindelijk alleen tegenover het beest komt te staan, en met hulp van Athena het monster weet te doden. Dan verschijnt een woedende Ares 1 boven het dode lichaam van zijn zoon en zou Cadmus in een slang veranderd hebben als Zeus hem niet verbood om wraak te nemen. Vervolgens geeft Athena opdracht aan Cadmus om de tanden uit de bek van het dier te halen en, de helft ervan, in de grond te zaaien. Dan beginnen er Aardgeboren reuzen uit de grond te groeien die door Cadmus, opnieuw op bevel van Athena, worden geoogst. Slecht vijf van deze Aardgeboren zonen laat Cadmus leven om hem te helpen op die plek een stad met de naam Thebe te stichten. Dit veld zou bekend komen te staan als de Aresvlakte.

Huwelijk Cadmus en Harmonia

Als straf voor het doden van de Draak 3 en vele Aardgeborenen moet Cadmus acht jaar lang slavendienst verrichten voor Ares 1. Aan het eind van die periode is ook Harmonia 1, de dochter van Ares 1, volwassen geworden. Deze wordt door Zeus als vrouw aan Cadmus gegeven waardoor de woede van Ares 1 op Cadmus nog verder afneemt en zich bij de beslissing van Zeus neerlegt. Harmonia 1 en Cadmus treden in het huwelijk en Ares 1 is, net als vele andere goden, aanwezig op de bruiloft. Ontdaan van zijn wapenrusting danst hij met plezier, als een mak lammetje, voor zijn dochter en slaat zijn ongewapende arm na lange tijd weer eens om de middel van Aphrodite. Het was op deze bruiloft ook voor het eerst dat de goden geschenken aan stervelingen gaven. Aan zijn schoonzoon schonk Ares 1 een speer en een prachtig borstharnas. Aan het eind van hun leven, nadat hun kinderen zijn vermoord, verandert Ares 1 zijn dochter en schoonzoon in twee slangen. Nog weer later transporteert hij het tweetal naar Elyseese velden in de onderwereld waar zij eeuwig verder leefden.

Zeven tegen Thebe

Opdracht van Zeus

Precies op het moment dat Ares 1 naar zijn huis terugkeerde uit de oorlog tussen de Bistoniërs en de Geten, en zijn naar zweet stinkende harnas in de rivier wil wassen, krijgt hij bericht van Zeus om onmiddellijk naar de Olympus te komen. Met gierende wielen, nog onder het bloed, komt hij hijgend op de Olympus aan terwijl het zweet van de oorlog van hem afdroop. Dan zegt Zeus tegen zijn zoon: ‘Haast je mijn zoon, precies zoals je nu bent, met je druipende zwaard en in een wolk van woede, en ga naar Argos. Laat daar de mensen in Woede ontvlammen, de traagheid van zich afwerpen, om met razende woede een oorlog tegen Thebe te beginnen. Vaag alle twijfel weg, schend elke eed, en beschaam elk verdrag. Ik heb het zaad van de oorlog al gezaaid, en je mag je tegoed doen aan een grote slachting.’ De enthousiaste Ares 1 kan zijn vreugde nauwelijks bedwingen en springt direct weer in de strijdwagen om aan zijn taak te beginnen.

Treurende Aphrodite

Jubelend en gloeiend van strijdlust rijdt hij door de lucht als aan het eind van zijn reis, plotseling en zonder angst, Aphrodite in het pad van zijn paarden springt. Met haar borsten leunend tegen zijn wagen en met tranen in haar ogen zegt ze: ‘Wil je oorlog tegen Thebe voeren, jij dolleman, en zo het ras van onze kinderen te gronde richten? Is dit mijn beloning voor het geroddel over mijn geschonden eer nadat ik eens met jou het bed deelde? Ah! ik wilde dat ons meisje getrouwd was met één van jouw Thraciërs! Heb ik nog niet genoeg geleden, terwijl mijn dochter languit op de grond voortkruipt en gif op het gras spuwt?

Ares 1 kon haar tranen niet langer verdragen, sprong van de wagen, nam Aphrodite in een innige omarming, en zegt troostend: ‘O jij, mijn rust na de strijd, die als enige mijn wapens ongestraft kan zien en zelfs midden in de strijd het zwaard uit mijn handen mag rukken. Ik ben het huwelijk van onze dochter niet vergeten, noch jouw dierbare loyaliteit. Maar Zeus heeft me opgedragen om deze strijd aan te wakkeren. Hoe kan ik hem ooit nog onder ogen komen door dit bevel te negeren, want er is geen macht die dit kan veranderen. Maar, geliefde, wees niet bang, als de strijd begint zal ik zelf aanwezig zijn en onze verwanten helpen waar ik kan. Dat is mijn recht en de Lotsgodinnen verbieden het niet.’ Zo sprak hij, en dreef zijn vlammende paarden voort door de open lucht.

Aansporing tot oorlog

In Argos aangekomen gaat Ares 1 van koning naar koning en bewerkt hun harten. Hij laat de passie voor de strijd oplaaien en moedigt ze aan om Thebe te vernietigen. Hij berooft steden van hun mannen, die zich aaneensluiten in grote legergroepen, en overal klinkt het gerammel van wapens terwijl ook de zoons van Ares 1 hun steentje bijdragen om de mannen op te hitsen. Als het Zeus allemaal niet snel genoeg gaat stuurt hij Hermes naar Ares 1 om hem aan te sporen. Dan gaat de Oorlogsgod nog feller aan het werk. Hij gaat naar Aonië en Euboea en alle naburige landen om ook daar mannen te werven voor de oorlog. Uiteindelijk marcheert er een enorm leger, onder aan voering van Zeven aanvoerders, de poorten uit en gaat op weg naar Thebe. Terwijl het leger op weg is gaat Ares 1 naar de bedreigde stad om daar de mannen op te hitsen tot de strijd en zo alle ingrediënten klaar te zetten voor een bloedstollende strijd.

Oorlog

Wanneer de twee legers op elkaar inslaan staat Ares 1 midden op de vlakte. Dol op de strijd moedigt hij beide partijen aan om tot het uiterste door te vechten en laat, als meest gewelddadige van alle goden, zijn felle woede botvieren op de sterfelijke mensen. Indachtig zijn belofte aan Aphrodite, en de bevelen van Zeus, zorgt hij er wel voor dat de Zeven aanvoerders stuk voor stuk sneuvelen maar de Thebanen niet echt in gevaar komen. Wanneer Athena de bedreigde Thebanen probeert te helpen gaat Ares 1 op haar af en zegt: ‘Veldslagen als deze staat Zeus je niet toe. Verlaat onmiddellijk het veld of je zult leren dat zelfs Athena geen partij is voor deze rechterhand.Athena kijkt hem smalend aan en wil de strijd met Ares 1 aanbinden. Maar Zeus maant Athena waardoor ze, uit ontzag voor Zeus en niet uit angst voor Ares 1, het strijdtoneel verlaat. Na enkele dagen strijd besluit de oppergod dat de oorlog beslist zal worden door een duel tussen Eteocles 1 en Polynices, de twee broers die de aanleiding tot deze oorlog waren. Zeus stuurt de Erinyen naar het slagveld waar zelfs Ares 1 ontzag voor heeft, en hij trekt zich terug uit de strijd om terug te keren naar Thracië. Uiteindelijk wordt het leger van de Zeven aanvoerders vernietigd en is Thebe gered.

Liefdesleven

Aglaurus 2

Hoewel Aphrodite de liefde van zijn leven was had Ares 1, net als alle andere mannelijke goden, vele avontuurtjes met verschillende vrouwen. Zo werd hij eens verliefd op Aglaurus 2, de dochter van koning Cecrops 1 en Aglaurus 1 in Athene, en verwekt bij haar de dochter Alcippe 1. Wanneer Halirrhotius 1, de zoon van Poseidon, Alcippe 1 probeert te verkrachten, wordt hij door Ares 1 betrapt. Woedend doodt Ares 1 Halirrhotius 1 en wekt daarmee weer de woede op van Poseidon. Deze roept de Olympische goden bijeen voor deze moord en wil dat er recht gesproken wordt. Net buiten Athene, op een hoge heuvel, komen de goden bijeen en bespreken het geval. Na aan hoor en wederhoor gedaan te hebben stemden de goden. Het aantal voor- en tegenstemmers was echter gelijk waarna Ares 1 werd vrijgesproken. Sindsdien wordt die heuvel, naar deze rechtszaak, Areopagus genoemd.

Zeus Hera Cecrops 1 Aglaurus 1
Ares 1 Aglaurus 2
Alcippe 1

Althaea 1

Volgens een enkele mythe is ook Meleager, die de jacht op het Everzwijn 2 van Calydon leidde, een zoon van Ares 1. Want toen de god eens op doorreis in Calydon was deelde hij het bed met Althaea 1. Maar ook haar man, koning Oeneus 1, slaapt die nacht met zijn vrouw. Wie ook de vader was, negen maanden later baart Althaea 1 de zoon Meleager. Deze zoon, die zeer geliefd werd door Ares 1 en hetzelfde vechtlustige en opvliegende karakter had, zou door vuur om het leven komen.

Zeus Hera Thestius Eurythemis / Leucippe 2 / Laophonte
Ares 1 Althaea 1
Meleager

Astyoche 1

In de stad Orchomenus, of Aspledon, in Boeotië veroverde Ares 1 eens het hart van de kuise maagd Astyoche 1. Tijdens een nacht sluipt hij het huis van haar vader, Actor 1, binnen en gaat naar het bovenvertrek waar Astyoche 1 sliep. Daar verwekt hij de twee zoons, Ascalaphus 1 en Ialmenus 1, die later zouden deelnemen aan de tocht van de Argonauten en de Trojaanse Oorlog.

Zeus Hera Actor 1 -
Ares 1 Astyoche 1
Ascalaphus 1, Ialmenus 1

Atalanta

In Arcadë bracht Ares 1 eens de nacht door met de jageres Atalanta, die aan de jacht op het Everzwijn 2 in Calydon deelnam, en verwekte bij haar de zoon Parthenopaeus die als aanvoerder aan de tocht van de Zeven tegen Thebe deelnam.

Zeus Hera Schoeneus 1 / Iasus 3 / Maenalus 2 - / Clymene 4 / -
Ares 1 Atalanta
Parthenopaeus

Cyrene 1

In zijn thuisland Thracië verwekt Ares 1 een zoon Diomedes 2 bij Cyrene 1. Deze zoon zou later de koning worden van de Bistoniërs, een bevolkingsgroep in Thracië.

Zeus Hera - -
Ares 1 Cyrene 1
Diomedes 2

Demonice

Bij de uit Aetolië afkomstige Demonice verwekt de Oorlogsgod in een amoureuze bui eens vier zoons. Hun namen zijn: Evenus 2, Molus 2, Pylus en Thestius

Zeus Hera Agenor 2 Epicaste 1
Ares 1 Demonice
Evenus 2, Molus 2, Pylus, Thestius

Dotis

In Boeotië heeft Ares 1 eens een vurige, maar korte, verhouding met Dotis waar de zoon Phlegyas 1 uit voortkomt.

Zeus Hera - -
Ares 1 Dotis
Phlegyas 1

Harmonia 1

Ver buiten Griekenland, ten zuidoosten van de Zwarte Zee, wordt Ares 1 verliefd op de Nimf Harmonia 2 en verwekt bij haar, in het dal van het heilige woud Acmon, drie dochters. Deze dochters zijn net als hun vader, zeer strijdlustig van aard, en richten heel hun leven in op de strijd. Zij zouden de stammoeders worden van de Amazonen. Eén van die drie dochters noemde Ares 1 Melanippe 1.

Zeus Hera - -
Ares 1 Harmonia 2
Amazonen: Melanippe 1

Otrere

Later zou Ares 1 nog vele malen terugkeren bij deze, door hem innig geliefde, vrouwen en meerdere keren het bed met enkelen van hen delen. Zo verwekt hij bij Otrere de dochter Antiope 3, die ook wel Hippolyte 1 werd genoemd, en later door Heracles als vrouw aan Theseus geschonken zou worden. Maar ook Penthesilea, die later naar Troje zou oprukken om koning Priamus te helpen was de dochter van Ares 1 en Otrere. Als teken van haar verhevenheid boven de andere schonk Ares 1 aan zijn dochter Hippolyte 1, die koningin was over de Amazonen, zijn eigen gordel.

Zeus Hera - -
Ares 1 Otrere
Penthesilea, Hippolyte 1, Antiope 3

Pyrene

In de buurt van de rivier Echedorus in Macedonië deelt Ares 1 het bed met Pyrene en wordt negen maanden later de zoon Cycnus 1 geboren. Deze zoon denkt op een gegeven moment dat hij sterker is dan Heracles en daagt de held uit tot een duel. Vanuit de verte zie Ares 1 hoe zijn zoon door Heracles op de grond wordt geworpen en klaar staat om hem te doden. Hij ontsteekt in een laaiende woede en gaat snel als het licht naar het strijdtoneel om zijn zoon te redden. Daar springt hij met een kreet op Heracles af die niet afwachtend toekijkt en zelf ook op de god afvliegt.

Dan verschijnt plotseling Athena die op Ares 1 afstapt en zegt: ‘Ares 1, beheers je woede en moordende handen. Want er is geen opdracht gegeven dat jij Heracles mag doden, de moedige zoon van Zeus. Kom, stop met vechten en weersta mij niet.’ Maar haar woorden brachten Ares 1 niet op andere gedachten. Hij slaakte een nog woedender kreet en ging met zijn speer zwaaiend opnieuw op Heracles af. Dan grijpt Zeus in, laat een bliksem tussen Ares 1 en Heracles inslaan, en moet Ares 1 buigen voor de macht van zijn vader waardoor het duel tot een abrupt einde komt.

Zeus Hera - -
Ares 1 Pyrene
Cycnus 1

Pelopia 2

Ares 1 verwekt nog een zoon met de naam Cycnus 2 bij Pelopia 2, die in de buurt van Ithonus in Thessalië woonde. Ook deze zoon komt oog in oog te staan met Heracles en wordt door hem gedood.

Zeus Hera - -
Ares 1 Pelopia 2
Cycnus 2

Protogenia 2

In Aetolië maakt Ares 1 Protogenia 2, de dochter van Calydon 1 en Aeolia, zwanger en verwekt bij haar een zoon Oxylus 1.

Zeus Hera Calydon 1 Aeolia
Ares 1 Protogenia 2
Oxylus 1

Sterope 4

Bij de Plejade Sterope 4 verwekt Ares 1 Oenomaus 3. Volgens Diodorus Siculus sliep Ares 1 niet met Sterope 4 maar met Harpina, de dochter van Asopus, uit de stad Pisa op de Peloponnesus. In deze situatie was Oenomaus 3 de vrouw van Sterope 4. Aan Oenomaus 3 schenkt Ares 1 een wapenrusting en een prachtig span paarden. Met deze paarden voor zijn wagen houdt Oenomaus 3 wedstrijden tussen hem en de vrijers van zijn dochter Hippodamia 5. Ze mogen alleen met zijn dochter trouwen als ze van Oenomaus 3 weten te winnen. Als ze verliezen moeten ze dit bekopen met de dood.

Zeus Hera Atlas / Atlas / Atlas / Asopus Pleione / Aethra 2 / Hesione 4 / -
Ares 1 Sterope 4 / Harpina
Oenomaus 3

Tirine

Thrassa was de dochter die voortkwam uit het avontuurtje tussen Tirine, de dochter van Strymon 1, en Ares 1. Deze dochter gaf niets om de liefde en trok als jageres de bossen in. Omdat ze Aphrodite veracht laat de Godin haar paren met een beer. Hieruit komen twee oersterke zoons voort die Zeus verfoeide en Hermes naar het tweetal stuurt om hen te doden. Ares 1 heeft in de gaten wat het lot van zijn kleinzoons gaat worden en kaapt hen voor de neus van Hermes weg door ze in vogeltjes te veranderden.

Zeus Hera Strymon 1 -
Ares 1 Tirine
Thrassa

Onbekende vrouwen

Bij verschillende andere vrouwen, waar de namen niet van bekend zijn, werd Ares 1 nog de vader van twee stoere zoons, Rumoer en Schrik, die net als zijn andere twee zoons Phobus en Deimos, de dienaren van Zeus werden. Maar ook Ampycus 1, Lycus 7, de twee broers Tereus en Dryas 1, en Alcon 3 en Lycaon 4, allen uit Thracië, waren kinderen van Ares 1. Voorts werd Ares 1 nog de vader genoemd van Nisus 1 en de Draak 3 die bij de bron van Dirce woonde en door Cadmus gedood werd.

Zeus Hera - -
Ares 1 Onbekende vrouwen
Draak 3, Rumoer; Schrik, Ampycus 1, Lycus 7, Tereus, Dryas 1, Alcon 3, Nisus 1, Lycaon 4

Eos 1

Tenslotte deelt Ares 1 ook nog eens het bed met de godin van de Dageraad, Eos 1. De jaloerse Aphrodite zorgt er echter voor dat Eos 1 verliefd wordt op een andere man, Orion, de zoon van Poseidon, waardoor Eos 1 niet meer naar Ares 1 omkijkt.

Zeus Hera Hyperion 1 / Hyperion 1 / Nevel Theia / Aether / Nyx
Ares 1 Eos 1
-

Tocht Argonauten

Heiligdommen

Vanwege zijn ruzieachtige karakter en voorliefde voor de strijd wordt Ares 1 in Griekenland nergens vereerd. Alleen de Thraciërs en de Amazonen in Klein-Azië, ten zuidoosten van de Zwarte Zee, vereren Ares 1 met offers van ezels. De heiligdommen van Ares 1 zijn dan ook voornamelijk in deze streken te vinden. Zo ligt er in de Zwarte Zee vlak voor de kust van Colchië een eiland dat naar hem vernoemd is waar vogels wonen die hun veren, als scherpgepunte pijlen, afschieten op iedereen die maar in de buurt van het eiland komt. De enige grote tempel voor Ares 1 stond echter in geen van deze twee landen maar in een heilig woud in de buurt van de stad Colchis in Colchië. Om het woud lag een barre woestenij waar ijskoude rivieren doorheen stroomden en, net als in Boeotië, Aresvlakte genoemd werd.

Colchis

De draak van Ares

In Colchis heerste koning Aeëtes, een zoon van zonnegod Helius, die net als Ares 1 een ruw en oorlogszuchtig karakter had en Ares 1 daarom ook vereerde. Als dank schenkt Ares 1 hem de wapenrusting van ondoordringbaar brons die hij veroverd had op de Gigant Mimas 1 tijdens de Gigantenstrijd. Tijdens het bewind van Aeëtes komt de Griek Phrixus 1 naar het land gevlogen op een Gouden Ram 1 nadat hij uit zijn vaderland moest vluchten. Aeëtes ontvangt hem gastvrij waarna Phrixus 1 de Ram 1 slacht en de Gouden Vacht aan Ares 1 offert die hij in de kruin van een grote eik in het heilige bos van Ares 1 vastspijkerde. Om te voorkomen dat de Vacht gestolen werd, liet Ares 1 het kostbare kleinood bewaken door een Draak 4.

Beklag bij Zeus

Op een gegeven moment vertrekt er uit Griekenland een schip, dat met hulp van Athena is gebouwd, om de Gouden Vacht in Colchis te gaan halen. De mannen op het schip, de Argo, worden aangevoerd door Iason, die onder de bescherming van Athena staat. Wanneer Ares 1 dit ziet is hij woedend en stapt naar Zeus. ‘Wat is dit, Zeus? Moet ik klagen dat Athena een schip heeft gebouwd om mannen naar mijn heilige woud te vervoeren en daar mijn Gouden Vacht te stelen. Moet ik het goed vinden dat mijn tempel wordt beroofd. Laat Athena zelf naar mijn bos komen, en dan zal ik haar leren wat voor god ik ben. Is mijn heiligdom minder dan die velen van haar?

Antwoord van Athena

De trotse Athena kan deze woorden van Ares 1 niet weerstaan en zegt: ‘Ik zou geen kind van Zeus genoemd worden, ellendeling, als ik jou geest niet kon laten ophouden met pochen! Waarom achtervolg jij je moeder niet met dergelijke woorden. Ze verdient het werkelijk vanwege het creëren van een dergelijk monster onder de goden. Wat schuilt er voor kwaad in om Iason te helpen die een verschrikkelijke opdracht van zijn heer kreeg. Moeten we niet zoeken naar een overeenkomst met de koning in plaats van ons direct weer in de strijd te werpen zoals onze onstuimige vriend hier dat bij elke gelegenheid wenst?

Burgeroorlog in Colchis

Opnieuw wil Ares 1 in de aanval gaan maar Zeus kapt hem af en zegt: ‘Wat betekent dit krankzinnige oproer? Ik wens geen ruzie onder de goden. Daarom zal ik jullie vertellen wat er gaat gebeuren. Iason zal zijn Gouden Vacht krijgen, maar Ares 1 zal zich mogen uitleven in een burgeroorlog om de macht over Colchis tussen Aeëtes en zijn broer Perses 2.' Als Zeus is uitgesproken knikt hij met zijn hoofd en weten Ares 1 en Athena dat verdere discussie zinloos is. Maar Ares 1 vond nog steeds geen rust en weet niet bij welk kamp van de burgeroorlog hij zich zal aansluiten. Uiteindelijk besluit hij om het leger van Perses 2 te steunen om zo de Argonauten, die koning Aeëtes steunen, zoveel mogelijk te dwarsbomen en waar mogelijk te doden. Direct rijdt hij op het leger af en gaat op zijn gebruikelijke manier aan de gang om alle mannen aan te vuren en op te stoken tot een bloederige strijd. ‘De vijand, de vijand, schiet op, voorwaarts naar de strijd! De vijand nadert!’ Zo schold hij de mannen uit die achterbleven’

Trojaanse Oorlog

Bruiloft van Peleus en Thetis

Jaren later gaat Ares 1 naar de bruiloft van Peleus en Thetis, waar ook alle andere goden, behalve de godin van de twist, Eris, voor uitgenodigd waren. Eris is hevig beledigd dat zij niet is uitgenodigd en werpt als wraak een appel met de tekst ‘Voor de mooiste’ tussen de bruiloftsgasten. Er breekt een discussie uit tussen Hera, Athena en Aphrodite wie de mooiste is. Hiermee is de kiem gelegd voor de Trojaanse oorlog waarin Ares 1 weer volop aan zijn trekken zal komen. Omdat Aphrodite aan de kant van de Trojanen stond kiest Ares 1 ook partij voor hen. Maar Hera en Athena zijn op de hand van de Grieken waardoor er menigmaal een strijd tussen de goden uitbarst die Zeus maar met moeite in de hand kan houden.

Schending van het Bestand

In het tiende jaar van de strijd, als de Trojanen het bestand schenden, en Ares 1 volop meevecht tegen de Grieken, komt Athena naar Ares 1 toe. Zij legt een kalmerende hand op de arm van de vurige god en zegt: ‘Ares 1, zo is het voorlopig wel weer genoeg. Het is nu tijd om de Trojanen en Grieken het zelf uit te laten vechten. Laten wij beiden het slagveld verlaten en afwachten aan wie Zeus de overwinning wil gunnen.’ Na deze woorden leidt Athena Ares 1 van het slagveld en gaan samen op de heuvelachtige oever van de Scamander naar het verloop van de strijd zitten kijken. Even later komt Iris 1 met de gewonde Aphrodite op Ares 1 af. Zij smeekt hem of ze zijn paarden mag lenen om Aphrodite naar de Olympus te brengen. Aphrodite lijdt hevige pijn door een wond aan haar hand die is toegebracht door Diomedes 1. Ares 1 stemt toe en geeft zijn strijdwagen met de twee paarden aan Iris 1 mee.

Aanmoediging Trojanen

Weer even later komt Apollo op Ares 1 afstormen en roept van verre, ‘Ares 1, kan jij die Diomedes 1 niet van het slagveld verjagen. Die man lijkt wel door demonen bezeten en valt nu ook ons goden aan. Hij begon met Aphrodite in het nauw te drijven en haar te verwonden en zojuist wierp hij zich op mij.’ Dit hoeft Ares 1 geen tweede keer gevraagd te worden en hij werpt zich direct weer in de strijd. Hij begint met de Trojanen nieuwe moed in te spreken in de gedaante van Acamas 2, de aanvoerder van de Thraciërs. Maar ook de zoons van Priamus neemt hij onderhanden en zegt: ‘O, jullie zoons van een koning die is voortgekomen uit een zoon van Zeus zelf. Hoe lang laten jullie je volk door de Grieken doden? Willen jullie soms wachten totdat er voor de poorten van de stad zelf wordt gevochten? Vooruit, bindt de strijd aan en ontzet Aeneas die gewond op het slagveld ligt.’ Zo riep hij en moedigde iedereen aan.’

Slachtoffers

Ares, god van de oorlog

Vervolgens duikt Ares 1 de strijd in en ziet in de verte Athena het slagveld verlaten. Vlug laat hij een donkere mist neerdalen om de Trojanen te helpen en vliegt zelf boven het slagveld heen en weer om de Grieken te bestrijden. Op een gegeven moment ziet Ares 1 dat Diomedes 1 op Hector afstormt. Vlug gaat hij bij Hector staan om hem te steunen en gaat hem voor terwijl hij met zijn reusachtige lans zwaait. Als Diomedes 1 hem ziet komen wijkt deze vol ontzag terug voor de geweldige Oorlogsgod en beklaagt zich bij zijn vrienden dat die Hector altijd door Ares 1 wordt geholpen. Gesteund door de macht van Ares 1 drijft Hector de Grieken van lieverlee terug naar hun scheepskamp. Samen met Ares 1 maakt hij veel slachtoffers onder de Grieken. Zo sneuvelen onder hun handen Teuthras 1, Orestes 3, Oenomaus 2, Trechus en Oresbius 1.

Complot Athena en Hera

Vanaf de Olympus zien Athena en Hera hoe Ares 1 tekeer gaat onder de Grieken en besluiten actie te ondernemen. Athena trekt het pantser van Zeus aan en pakt ook zijn Aegis. Samen nemen ze de strijdwagen en rijden naar het slagveld. Op het slagveld aangekomen zegt Athena tegen Diomedes 1. ‘Klim op mijn wagen dan zullen wij samen die woeste Ares 1 bestrijden.Diomedes 1 stapt in, en ze rijden in woeste vaart op Ares 1 af die net bezig is om de reusachtige Periphas 1 van zijn wapens te beroven. Om zich onzichtbaar voor Ares 1 te maken had Athena intussen de helm van Hades op haar hoofd gezet. Toen de moordzuchtige Ares 1 Diomedes 1 aan zag komen rijden liet hij Periphas 1 liggen waar hij lag en gaat snel op Diomedes 1 af. Als zij elkaar naderden steekt Ares 1 zijn lans over juk en leidsels heen. Vlug grijpt Athena de lans en stoot die van de wagen weg. Daarop pakte Diomedes 1 zijn speer en met Athena’s hulp kwam deze in de buik van Ares 1 terecht zodat zijn huid scheurde. Het leek wel of er negenduizend mannen schreeuwden toen Ares 1 brulde van de pijn.

Vlucht naar de Olympus

Ares 1 hulde zich snel in een wolk en steeg omhoog naar de Olympus. Daar aangekomen ging hij treurend naast Zeus zitten, toonde hem zijn wond en zei klagend: ‘Wordt u niet boos, Zeus, als u een dergelijke gewelddaad ziet? Het is uw schuld, want u hebt de wereld die dolle dochter van u geschonken die steeds op het stichten van onheil uit is. Alle andere goden volgen u onderdanig, maar u laat haar maar haar gang gaan, omdat ze uw kind is. Nu heeft ze Diomedes 1 weer opgehitst zodat die brutale vlerk het zelfs tegen de goden op durft te nemen. Eerst viel hij Aphrodite al aan en nu mij. Gelukkig was ik hem te vlug af anders lag ik daar te krimpen van de pijn tussen die afgrijselijke stapel lijken of was ik mijn leven lang verminkt geweest.

Tirade van Zeus

Zeus kijkt zijn zoon woedend aan en zegt: ‘Waag het niet, onbestendige windvaan, om hier nog langer tegen mij te jammeren en te klagen! Van alle goden van de Olympus kan ik jou nog het minst uitstaan. Want je maakt altijd ruzie, verzot als je bent op tweedracht en twist! Je bent net je moeder Hera, wier koppigheid en onredelijkheid ik slechts met moeite met woorden bedwing! Ook door haar raad, zo lijkt me, dank je de moeilijkheden, waarin je thans weer verkeert! Maar ik kan niet langer aanzien dat je zo lijdt, want je bent van mijn geslacht en gebaard door mijn vrouw. Had je een andere god tot vader en had ik jou, brutale rekel, niet als zoon, dan lag je nu allang dieper dan de Titanen onder de aarde.

Bevel van Zeus

Enige dagen later maakt Zeus bekend dat het de goden niet meer is toegestaan om zich direct of indirect nog met de strijd te bemoeien. Doen ze dat wel dan worden ze door Zeus persoonlijk zwaar gestraft. Na deze mededeling loopt Zeus weg en hoort Ares 1 van Hera dat zijn lievelingszoon, Ascalaphus 1, is gevallen in de strijd. Vol emotie slaat Ares 1 zich op zijn dij en roept naar de andere goden en godinnen: ‘Je mag het me niet kwalijk nemen als ik nu naar de Griekse schepen ga en de dood van mijn zoon wreek. Het kan me niet schelen of Zeus het verboden heeft, ik ga!’ Daarop stapt hij de poort uit om naar het scheepskamp te rijden.

Bezorgde Athena

Bezorgd als ze is voor de gevolgen loopt Athena Ares 1 achterna. Snel rukt ze hem de helm van zijn hoofd, zijn schild van zijn schouder, en de speer uit zijn hand. ‘Waanzinnige,’ roept ze, ‘Je zult door Zeus vernietigd worden. Heb je geen oren en hersens om iets te begrijpen of een wil om je te beheersen? Wil je zwaar gestraft en verjaagd worden van de Olympus terwijl wij ook de volle laag krijgen van Zeus? Ik verzeker je dat Zeus onmiddellijk naar het slagveld zal komen om je te straffen. Luister naar mij en vergeet alle gedachten over wraak voor je zoon. Er zijn er al veel gevallen op het slagveld en er zullen er nog vele volgen. We kunnen onmogelijk alle zoons beschermen.’ Na deze woorden dwingt Athena Ares 1 om weer te gaan zitten op zijn stoel in de paleiszaal.

Godenvergadering

Dagen later, als Zeus de Trojanen bijna het scheepskamp in brand heeft laten steken, roept Zeus de goden voor een vergadering bijeen. Hij vertelt hen dat ze zich weer mogen bemoeien met de strijd omdat hij zijn doel bereikt heeft, Achilles doet namelijk weer mee aan de strijd. ‘Wordt geen van de partijen door een onsterfelijke geholpen dan maken de Trojanen geen schijn van kans tegen Achilles. Omdat beide partijen mij ter harte gaan mogen jullie zowel de Trojanen als de Grieken helpen, mij maakt het niet uit. Ik blijf hier op de Olympus zitten om het schouwspel gade te slaan.’ Na deze woorden ontstaat er een geweldig tumult en de goden en godinnen trekken schreeuwend ten strijde om hun favorieten te ondersteunen. Ares 1 gaat met Apollo, Artemis, Leto, de riviergod Xanthus 1 en Aphrodite naar de Trojanen terwijl Hera, Athena, Poseidon, Hephaistus en Hermes naar de Grieken gaan. Eenmaal aangekomen op het slagveld gaan de partijen aan weerskanten van het strijdtoneel zitten om het verloop van de oorlog van dichtbij te aanschouwen en slaken luidruchtige oorlogskreten om hun favorieten aan te moedigen.

Strijd met Athena

Aresen Athena

Het duurt echter niet lang duurt of Ares 1 of de andere onsterfelijken werpen zich in de strijd. Hij stapt op Athena af en zwaait dreigend met zijn bronzen lans. ‘Vertel op,’ zegt hij, ‘wat doe je hier en waarom stook je de Grieken tegen mij op. Ben je vergeten hoe je Diomedes 1 ophitste om mij met zijn speer te verwonden. Maar nu ga ik jou dat betaald zetten.’ Direct valt hij Athena aan met zijn lans maar Athena vangt het wapen op met haar schild en pakt een grote steen van de grond. Die werpt ze met godenkracht naar Ares 1 en treft hem in zijn nek. Bijna bewusteloos zakt Ares 1 op de grond in elkaar. ‘Domme dwaas,’ zegt Athena honend tegen hem, ‘ben je vergeten dat mijn kracht zoveel groter is dan die van jou. Ga nu maar genieten van Hera’s vervloekingen omdat je de Grieken voor de Trojanen in de steek liet.

Hulp van Hera

Aphrodite helpt vervolgens Ares 1 overeind en voert hem aan de hand weg naar de Olympus. Daarbij steunde hij erbarmelijk want zo snel kon hij zich niet herstellen van zijn val in het stof. Maar toen Hera de twee zag, riep ze tegen Athena: ‘Helaas, kijk me nu toch die hondsvlieg van een Aphrodite eens! Daar voert ze Ares 1 weg van het slagveld door het gewoel van de strijd! Kom, Athena, laten we hen vlug najagen.’ Hierop stormt Athena op Aphrodite en Ares 1 toe en slaat hen met kracht tegen de borst, zodat hun knieën ervan knikten en de moed hun ontzonk. Beiden rolden over de grond en zegt Athena juichend: ‘Moge het alle bondgenoten van de Trojanen zo vergaan, als zij de Grieken ontmoeten, even overmoedig en vrijpostig, als Aphrodite het waagde om Ares 1 te hulp te snellen en het af te leggen tegen mijn kracht! Ja, dan was de oorlog snel afgelopen en de sterkte van Troje geslecht!’ Terneergeslagen gaan Ares 1 en Aphrodite vervolgens naar de Olympus om te herstellen van hun verwondingen.

Dood van Penthesilea

Enkele dagen later wordt zijn dochter Penthesilea op het slagveld gedood door Achilles. Zij was met een aantal andere Amazonen naar Troje gekomen om Priamus te helpen in zijn strijd tegen de Grieken. Het moedige hart van Ares 1 sidderde van verdriet om zijn dode kind en hij springt direct vanaf de Olympus naar beneden. De Ida dreunde onder zijn voetstappen terwijl hij op weg was naar het slagveld om Achilles en zijn Myrmidonen een dag van rouw te bezorgen. Maar opnieuw wordt Ares 1 door een god tegengehouden. Ditmaal door zijn vader Zeus die vanaf de Olympus een bliksem voor zijn voeten in de grond liet slaan. Dus stopte Ares 1 en twijfelde, op de rand van het slagveld, of hij verder zou gaan. Toen bedacht hij dat ook Zeus vele zoons had verloren in de strijd en keerde hij terneergeslagen en bedroefd Achilles de rug toe terwijl hij in zichzelf besloot om de volgende keer minder opvallend naar de strijd te gaan.

Aanval van Neoptolemus

Wanneer Achilles door Apollo en Paris is gedood komt diens zoon Neoptolemus naar Troje en leidt de Grieken in een verschrikkelijke aanval. De Trojanen vluchten in paniek door de poorten van hun stad maar worden dan geholpen door Ares 1, die nu onopgemerkt door de andere goden in zijn strijdwagen van de Olympus was afgedaald. Met een schreeuw moedigde hij de Trojanen aan om de vijand te weerstaan. De Trojanen hoorden het, en verbaasden zich over die wonderlijke kreet van Ares 1, die zich onzichtbaar in een dichte mist had gehuld. Maar de ziener Helenus 1 kende de goddelijke stem die in de lucht klonk en riep: ‘O lafaards, waarom zijn jullie bang voor Achilles’ zoon? Hij is even sterfelijk als wij maar niet zo sterk als Ares 1, die zojuist is gearriveerd om ons bij te staan in onze nood.’ Na deze woorden keerden de Trojanen om en stelden zich weer op tegen de Grieken. Daarop gaat Ares 1 als een dolleman tekeer, dronk zich vol bloed, en versloeg de ene Griek na de ander, terwijl de gesneuvelde over elkaar heen vielen.

Het besluit van Zeus

Zo ging de strijd weer gelijk op terwijl de Trojanen vertrouwden op de macht van Ares 1 en de Grieken op die van Neoptolemus. Op een gegeven moment ziet Ares 1 dat Neoptolemus weer vele Trojanen naar de onderwereld stuurt en besluit hier een eind aan te maken. Hij wilde net de sluier van verhullende mist van zich afwerpen om Neoptolemus zichtbaar te ontmoeten toen Athena op het slagveld verscheen. Met haar helmpluim, die tot in de wolken reikte, wil ze op Ares 1 afgaan maar ook nu grijpt Zeus weer in die vanaf de Olympus zijn gedonder liet klinken. Hij had besloten dat de Grieken zouden winnen en de Trojanen en hun stad mochten vernietigen. De wil en woede van Zeus was voor Ares 1 duidelijk en hij trok zich, geheel tegen zijn gewoonte in, terug uit de oorlog en keerde terug naar Thracië.

Romeinse mythologie

Hiermede zijn de bemoeienissen van Ares 1 met de Trojanen nog niet afgelopen. Zo steunt hij Aeneas, die Troje na de vernietiging door de Grieken weet te ontvluchten, vele malen tijdens poging om in Italië een nieuwe staat te stichten. Ares 1 zou daar de vader worden van Romulus en Remus, de stamvaders van de Romeinen. Maar deze gebeurtenissen behoren niet meer tot de Griekse mythologie. Ook Odysseus wordt, tijdens zijn tien jaar durende terugtocht naar huis, nog vele malen lastig gevallen door Ares 1.

Bronnen:

©2015 Maarten Hendriksz