Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Atalanta

Atalanta was of een dochter van Schoeneus 1, of van Maenalus 2, of van Iasus 3 en zijn vrouw Clymene 4 uit de stad Tegea in Arcadië. Omdat haar vader liever zoons wilde hebben, legde hij Atalanta te vondeling. Op die plek kwam een berin haar regelmatig zogen, totdat jagers haar vonden en bij hen grootbrachten. Atalanta ontwikkelt zich tot een prachtige vrouw, met prachtige ogen, die geweldig kon hardlopen. Eenmaal volwassen zweert ze alle mannen af en wil eeuwig maagd blijven. Ze wordt een volgelinge van Artemis, wijdt zich volledig aan de jacht, en draagt altijd haar wapens bij zich.

Oproep uit Calydon

Ze geeft ook gehoor aan de oproep van koning Oeneus 4, van Calydon, om mee te helpen een groot en monsterlijk Everzwijn 2 te doden dat diens landerijen onveilig maakt. Met eenvoudig opgeboden haren en een gladde speld door haar bovenkleed gaat Atalanta met haar jachtboog naar het hof van de koning waar ze negen dagen lang gastvrij onthaald wordt. Op de tiende dag ontstaat er onenigheid aan het hof door Cepheus 1 en Ancaeus 1 die het beneden hun waardigheid achten dat er een vrouw meedoet aan de jacht. Ze eisen van Oeneus 4 dat hij Atalanta wegstuurt maar Meleager, de zoon van Oeneus 4 die heimelijk verliefd is geworden op het meisje, neemt het voor haar op. Hij damt de ruzie in en zegt het tweetal dat iedereen is uitgenodigd, zonder uitzondering, en dat Atalanta dus ook mee mag doen. Morrend stemt het tweetal in en gaat het jachtgezelschap, dat uit vele beroemde mannen bestond, op weg.

Jacht op het Everzwijn 2

Jacht op het everzwijn

In het bos aangekomen, waar het Everzwijn 2 meestal bivakkeert, spannen de mannen jagersnetten en laten de honden los. Het is een vrij diep dal dat altijd vochtig is door regenwater en de sporen van het dier eenvoudig zijn te volgen. Zodra ze het beest hebben ingesloten schiet deze vliegensvlug op zijn belagers af. Het bos davert onder zijn poten en er klinkt een luid gekraak van takken die breken. De honden deinzen terug als het monster zichtbaar wordt en ook de mannen schrikken als ze het reusachtige dier zien. Als eerste werpt Echion 4 zijn werpspies maar mist. Daarop werpen ook de andere mannen hun wapen maar weten het Everzwijn 2 niet te verwonden. Door de aanvallen wordt het dier steeds woedender, valt de mannen aan, en loopt als eersten Hippalmus 2 en Pelagon 5 omver, die snel door hun vrienden worden weggesleept. Maar Enaesimus kan niet aan de doodsbeet van het Everzwijn 2 ontkomen als hij in paniek wil vluchten terwijl Nestor nog net op tijd in een boom kan vluchten. Zo gaat de jacht enige tijd door zonder dat de mannen erin slagen om het dier ook maar enigszins te verwonden maar er wel doden onder de mannen zijn te betreuren.

Meleager doodt het Everzwijn 2

Dan weet Atalanta een pijl in de rug van het Everzwijn 2 te schieten, die net onder het oor in de huid blijft steken, en welt er bloed op uit de wond. Meleager was de eerste die het zag, wees de mannen op het bloedspoor, en riep: ‘Jij mag de prijs van vakmanschap verdienen!’ De jagers, rood van schaamte, vermannen zich en schieten in het wilde weg hun pijlen af. Dan schreeuwt Ancaeus 1 met een bijl in zijn handen: ‘Jongens, uit de weg! Ik laat wel even zien hoe mannen met hun wapens meer presteren dan zo’n meisje! Artemis mag dit Everzwijn 2 behoeden wat zij kan, toch ga ík nu het beest vermoorden!’ Daarop heft hij zijn bijl met beide handen op en gaat, strak van de spanning, in het pad van het Everzwijn 2 staan. Dan bespringt het dier hem en begraaft zijn twee slagtanden diep in de buik van Ancaeus 1 waarna hij, terwijl zijn ingewanden naar buiten puilen, ineen zakt op de grond. Opnieuw vallen de mannen aan maar lukt het uiteindelijk Meleager om met een speer het monster zwaar te verwonden en het met zijn jachtmes te doden.

Strijd om de buit

Zijn vrienden tonen hun vreugde met enthousiast geschreeuw, en gaan op Meleager af om hem de hand te schudden. Ze kijken met ontzag naar het enorme dier, durven het nog niet aan te raken, maar iedereen prikt wel even met zijn speerpunt in het bloed. Dan roept Meleager, met één voet steunend op de kop van het Everzwijn 2: ‘Hier, Atalanta, neem je aandeel in de buit die mij nu toekomt. Ik wil de roem graag met je delen, en schenk jou de huid en kop van dit monster.’ Atalanta is zeer verguld met zijn woorden maar dan roepen de zoons van Thestius: ‘Blijf van die huid af, vrouw, en bemoei je niet met onze prijzen. Vertrouw ook niet te veel op eigen charmes, want die verliefde winnaar helpt je heus niet!’ Maar Meleager duldt dit niet en roept luid briesend: ‘Andermans veren roven! Voel dan zelf maar hoeveel dreigen verschilt van doen!’ en steekt zijn zwaard recht in het hart van Plexippus 1. Toxeus 2, twijfelend wat hij moet doen, is bang om ook het lot van zijn broer te ondergaan, maar wil toch de dood van zijn broer wreken. Hij krijgt geen tijd om te aarzelen, want Meleager stoot opnieuw toe met zijn zwaard, nog lauw van het vorige bloed, en Toxeus 2 blaast zijn laatste adem uit. Ook de andere zoons van Thestius, allemaal ooms van Meleager, ondergaan hetzelfde lot. Later sprak Althaea 1, de moeder van Meleager uit verdriet over de dood van haar broers, een vloek uit waarin zij de dood van Meleager eiste en gaven de Goden gehoor aan haar oproep.

Latere belevenissen

Atalanta neemt de huid aan van Meleager, wil van zijn verdere avances niets weten, en keert tevreden terug naar Arcadië. Volgens de schrijver Diodorus Siculus nam Atalanta later, net als Meleager, ook deel aan de tocht van de Argonauten naar Colchis, onder aanvoering van Iason. Ze zou heel de tocht meemaken maar gewond raken, na de ontsnapping uit Colchis, toen de soldaten van koning Aeëtes het schip achtervolgden. Medea 1 genas Atalanta, met behulp van geneeskrachtige wortels, waardoor zij binnen enkele dagen herstelde en uiteindelijk veilig thuis kwam. Daar meldt het moedige meisje zich aan tijdens de begrafenisspelen van koning Pelias 1. Ze doet mee aan de worstelwedstrijd en komt uit tegen Peleus. Tot verbazing van iedereen weet zij hem te verslaan en wordt haar faam nog groter. Teruggekeerd in Arcadië komt Atalanta er achter dat Schoeneus 1 haar vader is, die nu zeer trots is om een dochter te hebben, en gaat ze bij hem in zijn paleis wonen.

Huwelijkskandidaten

Door haar daden had Atalanta grote roem vergaard, en kwamen vele vrijers naar het huis van Schoeneus 1 die hem om de hand van zijn mooie en roemrijke dochter vroegen. Maar Atalanta weigert resoluut en herhaalt de eed die zij gezworen had om maagd te blijven. Om de vrijers af te schrikken stelde ze een wedstrijd in die iedereen, die om haar hand vroeg, met haar moest voeren. Als uitstekende hardloopster zocht ze een vlak stuk land uit met een lengte van ca. 190 meter. Halverwege stak ze een stok in de grond en elke kandidaat moest daarvandaan onbewapend en naakt naar de eindstreep rennen terwijl zij zelf, volledig bewapend en aan het begin startend, achter hem aan holde. Voorts maakte ze bekend dat degene die haar niet voor wist te blijven gedood zou worden, maar met degene die het wel lukte in het huwelijk zou treden. De eerste kandidaten, die meenden dit klusje met gemak te kunnen klaren, komen er al snel achter dat winnen van Atalanta geen eenvoudige opgave is en moeten hun uitdaging met de dood bekopen.

Verliefd

Tijdens zo’n wedstrijd zit ook de Arcadiër Hippomenes 1, die ook Melanion wordt genoemd, langs het parcours en ziet Atalanta voorbij schieten. Hij raakt direct verliefd op het mooie meisje maar beseft dat hij geen partij voor haar is in de wedstrijd. Daarop smeekt hij de Goden om hulp en krijgt gehoor bij de liefdesgodin Aphrodite die hem een aantal gouden appels geeft en zegt wat hij daarmee moet doen. Vol zelfvertrouwen gaat Hippomenes 1 daarna op Atalanta af, kijkt haar met een vaste blik aan, en zegt: ‘Wat heb je aan zo’n makkelijke zege, als je wint van zwakkelingen! Loop eens tegen mij!’ Atalanta kijkt hem aan en twijfelt, door toedoen van Aphrodite, of ze wel van hem wil winnen. Terwijl de jongen verder gaat, en over zijn afkomst vertelde, denkt Atalanta ‘Wie van de Goden is zo wars van schoonheid, dat hij iemand als hij wil laten sterven, en zijn kostbare leven laat riskeren voor mijn liefde? Zoveel ben ik toch niet waard. Het is niet zijn schoonheid die mij raakt, al raakt die ook heel diep, maar dat hij nog zo jong is! Zijn jeugd bezielt mij. Ach, wat een lieve blik straalt er uit je ogen, arme jongen. Ik wilde dat je me nooit gezien had! Als ik geen eed had gezworen was jij de enige met wie ik graag mijn bed zou delen. ’ Zo denkt Atalanta en had niet in de gaten dat zij voor het eerst van haar leven verliefd was.

Hardloopedstrijd

hardloopwedstrijd

Even later klinkt het startsein en schiet het tweetal naar voren. Gejuich en luid applaus moedigt de jongeman aan, maar Atalanta, ondanks haar verliefdheid, loopt al snel op hem in. Toen ze hem bijna had ingehaald, twijfelt Atalanta of ze hem zal passeren of niet. De eindstreep was nog ver en uit de keel van Hippomenes 1 klonk een droog gehijg. Als hij omkijkt en Atalanta zo dicht achter zich ziet werpt hij een gouden appel voor haar voeten op de grond. Atalanta kijkt verwonderd naar de gouden vrucht, doet een stap opzij om het rollende goud te grijpen, en raakt achterop. Zij haalt de achterstand van enkele seconden met een snelle spurt weer in en loopt daarna weer kort achter Hippomenes 1. Opnieuw werpt hij een appel waardoor Atalanta weer een achterstand oploopt. Hij is bijna aan het eind van de baan en roept: ‘Godin! Bescherm mij!’ en werpt de laatste gouden appel ver weg, dwars in het veld, waardoor Atalanta verder achterop raakt. Even later sprint Hippomenes 1 over de eindstreep en is Atalanta verslagen.

Huwelijk en kinderen

Dan kan Atalanta niet meer terug en geeft haar jawoord aan de winnaar. Schoeneus 1 gaf zijn dochter welwillend aan Hippomenes 1 omdat hij zo slim was geweest. Maar toen de jongen Atalanta mee naar huis nam vergat hij Aphrodite, aan wie hij de overwinning te danken had, met een offer te eren. De godin was hierover zeer beledigd en vergat hem niet. Hippomenes 1 en Atalanta zijn jarenlang gelukkig en krijgen een knappe zoon Parthenopaeus die op de berg Parthenius werd geboren. Volgens een enkele mythe werd Parthenopaeus echter verwekt door de oorlogsgod Ares 1 of Meleager toen Atalanta deelnam aan de jacht op het Everzwijn 2 van Calydon. Deze zoon zou later, toen hij net volwassen was, als een van de Zeven Aanvoerders deelnemen aan de strafexpeditie tegen Thebe. Als Atalanta het bericht krijgt dat haar zoon aan de strafexpeditie wil deelnemen, snelt ze de bossen uit, waar ze nog steeds graag op wilde dieren joeg, en gaat naar hem toe. Als een leeuwin snelt ze door de bossen, met opgetrokken gewaad en wapperende haren, en stopt pas als ze haar zoon aan haar boezem kan drukken, die op het punt staat om met het leger te vertrekken.

Smeekbede

Vermanend zegt ze tegen Parthenopaeus, terwijl hij met neergeslagen ogen luistert: ‘Waar komt dit dwaze verlangen vandaan, mijn zoon, vanwaar deze roekeloze moed in je jonge hart? Ben jij in staat om mensen te leiden in een oorlog en de last van Ares 1 te dragen. Je mocht willen dat je daartoe in staat bent! Laatst moest ik je nog redden terwijl je een gevecht aanging met een Everzwijn 2 en je teruggedrongen werd. Als ik mijn boog niet snel gepakt had, waar zou dan nu jouw oorlog zijn geweest? Mijn pijlen zullen je niet baten tijdens de zware inspanningen waar jij je naar toe haast, terwijl je nog een jongen bent die nauwelijks rijp is. Nu begrijp ik waarom de tempel van Artemis de laatste tijd zo leek te vibreren, en de godin mij fronsend aankeek. Nee, wacht totdat je meer ervaren bent, en er een schaduw op je roze wangen verschijnt. Dan zal ik je zelf de strijd leiden en het zwaard geven waarvoor jij in brand lijkt te staan. Mijn moedertranen zullen je dan niet terugroepen. Maar neem nu je wapens mee terug naar huis!’ Ze zou graag meer zeggen maar haar zoon en de aanvoerders drongen om haar heen en verminderden haar angsten. Dan klinkt het signaal van de trompet, moet ze haar zoon loslaten uit haar liefhebbende armen, en vertrekt Parthenopaeus op zijn paard naar Thebe.

Dromen

Verdrietig keert Atalanta naar huis terug waar zij vervolgens nachtenlang geplaagd wordt door nare dromen. De ochtenden daarna probeert ze die met ongekamde haren in de rivier Ladon weg te wassen, maar groeit haar ongerustheid. In haar dromen zag ze haar eigen buit, die ze aan Artemis geofferd had, vaak van het dak van het heiligdom vallen, en zichzelf uit de bossen gejaagd worden. Of ze zag de buit die haar zoon mee naar huis bracht uit de oorlog, zijn wapenrusting of paarden maar nooit haar zoon zelf. Dan weer zag ze hoe haar pijlenkoker van haar schouders viel, of vertrouwde gelijkenissen in vuur en vlam staan. De laatste droom verstoorde het ongelukkige moederhart van Atalanta. Ze besluit om naar de tempel van Artemis te gaan en bij deze godin voor de veiligheid van haar zoon te bidden. Daar ligt ze urenlang voor het beeld van de godin op haar knieën en eindigt uiteindelijk met de woorden: ‘Laat hem eerst de dood van zijn ellendige moeder vernemen voordat zijn tijd is gekomen.’ Haar bede is zo indringend dat zelfs het koude marmer van de godin nat werd van de tranen.

Metamorfose

Kort daarop krijgen Atalanta en haar man het bericht dat hun zoon nooit meer zal terugkeren, en op het slagveld was gestorven. Na een lange periode van rouw pakken de twee hun oude leven echter weer op en wijden zich opnieuw aan de jacht. Maar Aphrodite was de ondankbaarheid van Hippomenes 1 nog steeds niet vergeten en zon op wraak. Toen het koppel dan ook eens, na een lange en inspannende jacht, uitrustten in een tempel bedreven ze daar, door Aphrodite aangezet, de liefde in het heiligdom. De Goden keren hun ogen af als ze zien hoe het tweetal deze heiligschennis bedrijft en is Artemis uiteindelijk degene die ingrijpt. Langzaam beginnen er lange haren op hun ruggen te groeien, veranderen hun vingers in klauwen, en vegen er lange staarten over de grond. Hun woorden wijken voor woest gebrul en uiteindelijk staan er een leeuw en leeuwin op van het primitieve bed op de grond die, zij aan zij, het bos inwandelen.

Stamboom:

Schoeneus 1 / Iasus 3 / Maenalus 2 - / Clymene 4 / - Amphidamas 4 / - / Zeus / Oeneus 4 - / - / Hera / Althaea 1
Atalanta Hippomenes 1 / Ares 1 / Meleager
Parthenopaeus

Bronnen:

©2015 Maarten Hendriksz