Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Hypnos - Somnus - Slaap

Afkomst en Taken

Hypnos, de God van de slaap die in het Latijns somnus wordt genoemd, is één van de vele kleinere Goden die ontstonden vlak na het ontstaan van de wereld. Volgens Hyginus werden deze Goden geboren uit de verbinding tussen de Oergoden Erebus (Duisternis) en Nyx (Nacht). Volgens Hesiodus baarde Nyx deze Goden echter zonder tussenkomst van een mannelijke God. Euripides stelt in zijn Waanzin van Heracles dat Hypnos een kind is van Nyx en Nevel. De tweelingbroer van Hypnos is Thanatos, de God van de Dood.

De oude Grieken waren van mening dat voor elke emotie, lotsbestemming en levens- of handelswijze een God verantwoordelijk was. Naast Hypnos kenden zij nog vele andere van deze Goden zoals: Leed, Dromen, Doem, Ouderdom, Ellende, Blaam, Bedrog, Noodlot, Sluimerende Liefde, Ontbinding, Waanzin, Vriendschap, en tientallen anderen.

Deze Goden leefden meestal in de Onderwereld waar ze naar behoefte door de grotere Goden konden worden ingezet om de mensheid te teisteren met hun specialiteit. Volgens Homerus woonde Hypnos niet in de Onderwereld maar op het eiland Lemnos. Naast Nyx baarde ook de Twistgodin Eris enkele van deze kleinere Goden die voornamelijk verantwoordelijk waren voor zaken welke te maken hadden met oorlog, ruzie of ander onheil.

Hypnos en Thanatos in hun paleis

Hypnos gaat gekleed in een witte mantel, die hij over een zwarte draagt, om zo zijn nachtelijke werkzaamheden en die van overdag uit te beelden. In zijn handen draagt hij een hoorn waarmee hij de slaap over mensen en Goden uitgiet. Zo zweeft hij, meestal ’s nachts, over aarde op zijn ragfijne vleugels die een licht rustgevend gezoem voortbrengen. Meestal doet hij zijn werk in bijzijn van zijn broer Thanatos, en zijn broers om de mensen goede of slechte dromen tijdens hun slaap te bezorgen.

Het paleis van Slaap

Wanneer hij niet aan het werk is verblijft Hypnos in zijn Paleis in de onderwereld. De zon kan daar niet doordringen, waardoor er overal nevelslierten hangen, en er een troebel schemerlicht hangt. Er heerst een woordeloze rust. Vlakbij ontspringt het water van de Lethe, dat met zacht gekabbel over de rollende kiezelsteentjes voortglijdt en tot slapen noodt. Buiten het paleis is een veld van welige papavers en niet te tellen kruiden. Je hoort nergens deuren knarsen, geen scharniergeluid, er is geen deur in heel dat paleis of iemand om de poorten te bewaken.

Alleen de ingang wordt bewaakt door beschaduwde Stilte, saaie Vergeetachtigheid en trage Luiheid met hun slaperige gezichten. Rust, en Stilte zitten zwijgend met opgevouwen vleugels in het voorhof en verdrijven de winden van de nok van het dak, verbieden de takken om te zwaaien, en nemen het gekweel van de vogels weg. Er klinkt hier geen geruis van de zee, of in de lucht. En de bergrivier die in de diepe vallei stroomt maakt geen geluid tussen de rotsen en keien.

Midden in het paleis staat een ebbenhouten bed, somber van kleur, bedekt met een zwarte sprei en veren kussen waarop Hypnos zelf in lome rust ligt uitgestrekt. Boven het bed stijgt een donkere damp uit zijn ademende mond. Eén hand houdt de lok omhoog die van zijn linker voorhoofd afhangt, van de ander druppelt wijn uit zijn vergeten drinkhoorn. Vage dromen en talloze vormen staan rond hem heen, echte en onechte, treurig vleiend, het donkere broedsel van Nyx, of liggen op de grond. Het licht in de kamer is zwak en grillig.

Medea 1 en de Draak 4

Tijdens de Tocht van de Argonauten komt Slaap in actie op verzoek van Medea 1, die verliefd is geworden op de aanvoerder Iason. Die moet de Gouden Vacht, die in het bos van Ares 1 nabij Colchis is opgehangen in een boom, stelen en terugbrengen naar Griekenland. De vacht wordt bewaakt door een enorme Draak 4 die nooit slaapt. Medea 1 smeekt Hypnos met lieflijke stem om haar te hulp te komen en de Draak 4 in slaap te toveren. Met behulp van een pas gesneden tak van de jeneverbes die zij in een toverdrank dompelde en de hulp van Hypnos, die zwevend op zijn vleugels aanwezig is, slaagt ze er in om het monster in slaap te laten vallen waarna Iason de Vacht uit de boom kan halen.

Opdracht(en) van Hera

De droom van Alcyone

Als Iris 1, op bevel van Hera, eens naar Hypnos toe gaat om bij Alcyone 1 een droom te bezorgen, opent hij moeizaam zijn ogen, zwaar van loomheid. Hoewel hij telkens teruggleed en knikkebolde met zijn kin tegen zijn borst weet hij zichzelf te overwinnen. Steunend op één elleboog vroeg hij wat zij, want hij herkende haar, kwam doen. Iris 1 sprak: ‘O Slaap, rustgever aller dingen, zoetste van alle Goden, Slaap die de mensen vredig maakt en zorgen bant, u die hun lichaam, moe van zware arbeid, koestert en weer kracht geeft, geef aan uw droomgestalten, die bestaande wezens nadoen, opdracht naar Trachis te gaan in de gedaante van koning Ceyx, en Alcyone 1 te laten dromen over zijn schipbreuk. Hera wil dit zo’. Direct na deze boodschap vloog Iris 1 weg. Zij kon de sterke slaaplucht niet langer verdragen en voelde de bedwelming door haar lichaam trekken. Daarop wijst Slaap één van zijn zoons, Morpheus, aan om de opdracht van Iris 1 uit te voeren, en valt zelf onmiddellijk weer in een diepe slaap terug op zijn bed.

Hera en Zeus

Ook de Godin Hera gaat eens zelf bij Hypnos op bezoek. Zij vraagt hem om haar echtgenoot Zeus in slaap te laten vallen zodat zij ongestoord Heracles kan lastig vallen. Die is op weg van Troje, dat hij geplunderd had, naar huis en Hera wil een woeste storm oproepen zodat hij uit de koers wordt gedreven. Hypnos voldoet aan haar verzoek maar als Zeus later wakker wordt, en merkt wat er gebeurd is, wordt hij razend. Van woede smijt hij de Goden op de Olympus in het rond en gaat op zoek naar Hypnos die hij als hoofdschuldige ziet. Zijn moeder, Nyx, beschermt echter haar zoon en Zeus durft deze Oergodin niet te beledigen waardoor Hypnos aan zijn straf ontkomt.

In het tiende jaar van de Trojaanse Oorlog komt Hera opnieuw bij hem op bezoek. Ze verkeert in nood omdat de Grieken aan de verliezende hand zijn en zint op een list om hen te helpen. Hera grijpt de hand van Hypnos en klaagt bij hem haar nood. ‘Hypnos’, zegt ze, ‘jij, die alle Goden de baas is en ook alle mensen. Als je ooit naar mij luisterde, doe dan nu wat ik je vraag, en ik zal je eeuwig dankbaar zijn. Zodra ik in de armen van Zeus lig dompel hem dan in een diepe slaap. Als dank zal ik je een prachtige stoel van goud schenken die Hephaistus, mijn eigen zoon, voor je zal maken met zijn bekwame handen, en een bankje erbij voor je voeten die je daarop kunt laten rusten als je aan de maaltijd zit.'

Hera’, antwoordde Hypnos, ‘Ik zou geen moment aarzelen om wie dan ook van de Goden in slaap te dompelen. Zelfs al was het de machtige Oceanus. Maar bij Zeus durf ik dat niet meer te doen, behalve als hij het zelf aan mij vraagt. Ben je de eerste keer vergeten toen je me hetzelfde vroeg?’ Dan zegt Hera kalm, ‘Hypnos, wat maak jij je toch nodeloos ongerust. Hoe kun je zelfs maar denken dat Zeus zich net zo druk zal maken over een beetje hulp aan de Trojanen als over de ontvoering van zijn eigen zoon Heracles. Kom doe wat ik je vraag en ik zal je één van de jonge Gratien als vrouw geven.’ Aangelokt door dit aanbod antwoordde Hypnos verheugd. ‘Goed dan, maar zweer bij het heilige water van Styx, zodat alle Goden onze getuigen zijn, dat je mij daarna de jonge Pasithea 1 zult geven op wie ik heel mijn leven al verliefd ben.

Hypnos laat Zeus in slaap vallen

Hera voldoet aan zijn verzoek en zweert haar eed. Hierna hult het tweetal zich in een dikke nevel en gaan op weg naar de Ida waar Zeus op dat moment naar de Oorlog zit te kijken. Onderaan de berg aangekomen gaat het tweetal uit elkaar. Hypnos verandert zich in een nachthavik en vliegt naar een boom die dicht bij de plek staat waar Zeus zit. Hera gaat naar Zeus en verleidt hem. Samen bedrijven zij de liefde waarna Hypnos Zeus in een diepe Slaap laat vallen.

Als zijn taak is volbracht vliegt Hypnos naar het strijdtoneel op de vlakte voor Troje om Poseidon die daar ook was, het nieuws te vertellen dat Zeus sliep. Hij zegt tegen hem: ‘Je kunt nu naar hartenlust de Grieken steunen, en hen aan een korte overwinning helpen, tot het moment dat Zeus weer wakker wordt. Ik liet hem in slaap vallen toen Hera hem verleidde.’ Daarna vloog Hypnos naar het bed van Pasithea 1 om zijn beloning op te eisen. Hij verwekt bij haar drie zoons, Morpheus, Phobetor en Phantasos, die net als hun vader dromen bezorgen aan de slapende mensen.

Zo komt Slaap in meerdere mythen opdraven om zijn werk te doen. Vooral in Het verhaal van Thebe speelt hij een belangrijke rol tijdens de nachtelijke overval van de Zeven op het in slaap gebrachte leger van de Thebanen. Net als in Aeneas waarbij hij aan het werk moet om de stuurman van Aeneas in Slaap te laten vallen terwijl die aan het roer staat.

Stamboom:

- / Erebus / Nevel Nyx Zeus Eurynome 1
Hypnos Pasithea 1
Morpheus, Phobetor (Icelus), Phantasos

Bronnen:

©2015 Maarten Hendriksz