Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Medea 1

Afstamming

Medea 1 is de jongste dochter van koning Aeetes uit Colchis. Haar moeder is de Oceanide Idyia of Clytia 1, maar wordt meestal de Godin Hecate als haar moeder gezien. Medea 1 heeft een zus, Chalciope 1, die met Phrixus 1 was getrouwd nadat hij op een Gouden Ram 1 uit Griekenland was gevlucht, en een (stief)broer Apsyrtus. Daarnaast is ook de tovenares Circe een zus van Medea 1, die het huis van haar vader al had verlaten. Van haar moeder (Hecate) leert Medea 1 op jonge leeftijd allerlei middeltjes te maken uit kruiden en andere planten waarmee ze wonderbaarlijkste zaken kon verrichten. Ze was zelfs in staat om water stil te laten staan en vuur te bezweren maar. Hierdoor kreeg ze al snel de naam een tovenares te zijn, die de meest wonderbaarlijk dingen kon laten gebeuren, maar haar talent meestal gebruikte om mensen te redden. Daarnaast deed Medea 1 dienst als priesteres in de tempel van Hecate, waar ze dan ook meer te vinden was dan in het paleis van haar vader.

Verliefd

Aankomst Argonauten

Als Medea 1 op een dag, door toedoen van de Godin Hera, eens niet in de tempel was maar in het paleis, en op weg gaat naar de kamer van haar zus Chalciope 1, ziet Medea 1 in de hal plotseling de zoons van Chalciope 1 staan. Van schrik slaakt ze een kreet die door Chalciope 1 gehoord wordt en onmiddellijk naar de hal komt. Er volgt een blij weerzien tussen moeder en zoons die enkele weken eerder vertrokken waren voor een zeereis naar Griekenland. Maar Medea 1 had meer oog voor de vreemdeling die met de zoons was meegekomen. Een stekende pijn schoot door haar hart, toen zij hem zag, en ze kan haar blikken nauwelijks van hem afhouden. De liefdesgod Eros had haar met één van zijn pijlen bewerkt en Medea 1, die geen enkele ervaring in de liefde had, stond in vuur en vlam voor de mooie jongeman.

Gastmaaltijd

Even later komt ook koning Aeetes op het rumoer in de hal af en nodigt de zoons en vreemdeling uit voor een gastmaaltijd. Tijdens het eten vertellen de zoons hoe ze schipbreuk hebben geleden, maar gered waren door de vreemdeling, die met een groot schip op weg was naar Colchis. Dan stelt de vreemdeling zich voor als Iason, die in opdracht van koning Pelias 1 met een groep van vijftig dappere jongemannen, de Argonauten, naar Colchis was gekomen om de Gouden Vacht van de Ram 1, waarop Phrixus 1 uit Griekenland was gevlucht, op te halen. Zodra Aeetes de boodschap hoort ontsteekt hij in woede, maar blijft uiterlijk uiterst vriendelijk, en verzint een list om te voorkomen dat hij de Vacht kwijtraakt. Op dat moment dreigt er juist een burgeroorlog met zijn broers Perses 2 en vraagt hij Iason om hem eerst te steunen in de komende strijd. Als de strijd gewonnen wordt beloofd hij Iason de Vacht te schenken. Na de maaltijd gaat Medea 1 terug naar haar kamer, terwijl Chalciope 1 met haar zoons naar haar eigen kamer gaat.

Een droom

Medea 1 kan, terwijl ze terugloopt, alleen maar aan Iason denken. Ze kent haar vader, en weet dat hij geen enkele belofte nakomt, en vreest voor het leven van Iason. In gedachten hoorde zij weer hoe Iason tijdens de maaltijd had gesproken, en zijn stem zoet als honing had geklonken, en treurde alsof hij nu al was gestorven. In haar kamer gaat Medea 1 direct naar bed en valt in een diepe slaap. Maar ze wordt geplaagd door kwellende dromen waarin ze ziet dat haar vader zijn belofte aan Iason niet houdt, en met vuurspuwende stieren moet vechten. Even later droomt ze weer dat Iason niet naar Colchis was gekomen om de Gouden Vacht op te halen maar om haar als vrouw mee te nemen naar Griekenland. Dan ziet ze weer hoe haar vader ruzie maakt met Iason terwijl ze woedend tegen elkaar schreeuwen, en trilde ze van angst, maar koos onbewust partij voor haar Iason.

Onrust

Af en toe schrok Medea 1 wakker, kwam dan tot bezinning, en besloot om Iason aan zijn eigen lot over te laten. Maar zodra ze weer in bed lag begonnen de dromen opnieuw, en werd haar hart weer verteerd door liefdesvuur voor die mooie Iason. Zo brengt Medea 1 een onrustige nacht woelend op bed door, snapt niet wat er met haar aan de hand is, en wordt in de ochtend huilend wakker. Ze besluit om vanaf de muur van de stad naar de strijd te kijken, en smeekt de Goden om Iason te sparen. Hoewel ze haar ogen tijdens de strijd nauwelijks van hem af kan houden ziet ze ook Styrus, haar verloofde die Aeetes voor haar had uitgekozen om in het huwelijk te treden zodra ze daarvoor oud genoeg was. Maar de meeste tijd kijkt Medea 1 met bonzend hart naar Iason en ziet uiteindelijk hoe, voornamelijk door de hulp van de Argonauten, haar vader de strijd wint en het leger van Perses 2 op de vlucht wordt gejaagd. Maar zoals verwacht houdt Aeetes zijn belofte niet en zegt dat Iason eerst met zijn vuurspuwende stieren een veld moet omploegen om te bewijzen dat hij een man is die de Gouden Vacht waard is.

Smeekbede van Chalciope 1

Medea verliefd

Die avond ligt Medea 1 huilend op bed als haar zus Chalciope 1 binnenkomt en vraagt waarom ze zo verdrietig is. Medea 1 wil graag de waarheid vertellen maar schaamte houdt haar een tijd lang tegen. Dan zegt ze uiteindelijk: ‘Chalciope 1, bezorgdheid om je kinderen kwelt me en ik ben bang dat het niet lang meer duurt of vader laat hen samen met die vreemdeling doden! Ik heb zojuist een gruwelijke droom gehad, en bid dat een of andere God dit voorkomt en jij, mijn zus, deze ellende niet hoeft mee te maken.’ Zo peilde Medea 1 haar zus door eerst om hulp voor haar zoons te vragen. Dan breekt ook Chalciope 1 in gejammer uit en zegt: ‘Daar ben ik zelf ook bang voor, lieve zus, en ben naar je toegekomen om te vragen of jij soms iets weet om hen te helpen.’ Opnieuw vallen ze elkaar jammerend in de armen, en zegt Chalciope 1 even later: ‘Zou jij voor de vreemdeling, hij vraagt het zelf, niet een list of plan kunnen beramen om hem te helpen bij die krachtproef? Help hem, en je helpt mijn zoons die Iason hier hebben gebracht!

De belofte van Medea 1

Na die woorden sprong het hart van Medea 1 op van vreugde, bedekt een blos haar wangen, en zegt: ‘Ik zal je helpen, en laat de zon mij nooit meer in mijn ogen schijnen als ik zijn leven en dat van je zoons niet weet te redden. Morgenvroeg ga ik naar het heiligdom van mijn moeder en maak een middel dat Iason zal beschermen tegen het vuur van de stieren. Ga nu en breng deze boodschap naar hem over, maar laat onze vader het niet merken en doe wat je beloofd hebt.’ Dankbaar voor haar hulp knikt Chalciope 1 naar Medea 1 en gaat naar haar zoons om die in te lichten, en de boodschap naar Iason over te brengen. Medea 1 gaat weer naar bed, maar kan de slaap niet vatten. Door haar verlangen naar Iason houdt een hevige angst haar wakker, en ziet ze in gedachten menigmaal hoe hij door de stieren wordt gedood. Zodra het de volgende ochtend licht wordt staat Medea 1 op, trekt een mooi gewaad aan, en pakt een aantal kruiden welke ze in de loop der jaren verzameld had die ze in een kistje bewaarde, en gaat naar de tempel van Hecate.

Hulp aan Iason

Smeekbede Iason

Zodra Medea 1 aankomt in het heiligdom gaat ze aan de slag met de kruiden en maakt een middel dat Iason moet beschermen tegen het vuur van de stieren, en dat hem bovendien een dag lang enorme kracht verschaft om de beesten te bedwingen. Als Medea 1 klaar is wacht ze op angstig de komst van Iason en springt haar hart op zodra ze voetstappen hoort aankomen. Zodra ze hem ziet bedekt een waas haar ogen, verscheen er een rode blos op haar wangen, en kijkt ze hem enkele ogenblikken zwijgend en angstig aan. Dan verbreekt Iason de stilte en zegt: ‘Waarom ben je zo bang voor mij, meisje, terwijl ik alleen ben? Wees daarom openhartig en niet bang om alles wat je wilt aan mij te vragen. Misleid me niet met lieve woorden, want je hebt toch aan je zus beloofd om mij met tovermiddelen te helpen om de stieren te verslaan! Ik ben als smekeling naar je toegekomen, in mijn bittere nood, en zal je later op een gepaste wijze belonen voor je hulp. Ik zal je roem in heel Griekenland verspreiden en de Goden zullen jou met hun dank betalen wanneer je mij en mijn mannen uit deze val wil redden!

Instructies aan Iason

Dan slaat Medea 1 haar ogen op en kijkt Iason aan, maar weet niet wat ze moet zeggen. Plotseling haalt ze, zonder iets te zeggen, het tovermiddel uit haar gordel en geeft het aan Iason, terwijl de verliefdheid door haar heen gierde. Eindelijk vindt ze haar stem terug en zegt: ‘Luister nu naar mijn plan waardoor je gered zult worden! Neem vannacht een bad in de rivier, geheel alleen en gehuld in donkere kleding, en graaf daarna een kuil waarboven je een schaap moet slachten. Pleng dan wat honing voor Hecate en verlaat het altaar zonder enig gerucht te maken. Los de volgende ochtend, als je haar zo gunstig hebt gestemd, dit middel op en wrijf heel je lichaam er mee in als een zalf. Je zult er ongelooflijk sterk door worden en onkwetsbaar voor wapens, terwijl ook het vuur van de stieren je niet zal deren. Maar deze onkwetsbaarheid zal slechts één dag duren, dus staak de proef geen moment. Uit het zaaigoed dat je van mijn vader krijgt zullen reuzen groeien. Ga met hen de strijd niet aan maar werp een steen tussen ze in, en wacht tot er nog maar twee over zijn. Pak dan je zwaard en doodt hen. Als je alles precies uitvoert zoals ik je heb verteld, kun je daarna de Gouden Vacht meevoeren.

Liefdesverklaring

Medea en Iason

Zodra ze uitgesproken is breekt Medea 1 in tranen uit, bang als ze is dat Iason zonder haar zal vertrekken, pakt zijn hand en zegt tussen haar tranen door: ‘En als je weer behouden thuis bent, houdt dan mijn naam in gedachten, ook al ben ik ver weg!’ Maar door toedoen van de Godin Hera slaat ook de verliefdheid toe bij Iason en zegt hij: ‘Ik zal je zeker niet vergeten wanneer ik aan de dood ontkom en terugkeer in mijn vaderland, als Aeetes geen nieuwe list verzint om de Vacht te behouden. Ik wilde dat hij wat vriendelijker gestemd was.’ Maar Medea 1 blijft maar huilen en dan zegt Iason: ‘Huil niet langer, lief meisje! Kom, ga met me mee naar Griekenland waar we, zodra we daar aankomen, zullen trouwen en jij, als mijn vrouw, alle respect en eer zal ontvangen, en onze liefde ons nooit meer zal scheiden.’ Zodra Medea 1 deze woorden hoorde smolt ze weg, huiverde bij de gedacht om haar vader te verraden, maar stemde onmiddellijk toe. Zo blijven ze nog even met elkaar praten totdat Iason weg moet om de voorbereidingen voor zijn krachtproef te treffen. Ook Medea 1 keert terug naar huis, met haar hoofd in de wolken, en bleef heel die dag in haar kamer terwijl de spanning door haar lijf gierde.

Afscheid van huis

De volgende avond pakt ze haar persoonlijke bezittingen bijeen en stopte al haar kruiden in een buidel. Toen kuste ze het bed, sneed een haarlok van haar hoofd en liet die achter in haar kamer. Daarna loopt ze snikkend de kamer uit en zegt in gedachten tegen haar moeder: ‘Deze lok laat ik achter in mijn plaats, nu ik vertrek! Vaarwel ook Chalciope 1 en heel dit huis!' Zo gaat ze, zonder iemand iets te zeggen, die avond naar het bos om op Iason te wachten als die klaar is met zijn proef en nog één hindernis moet overwinnen. Onderweg sloop ze door de straten van de stad, terwijl haar hart hevig klopte van angst, en bereikt uiteindelijk het schip van de Argonauten zonder dat iemand haar gezien heeft. Daar treft ze de Argonauten aan die blij waren omdat Iason de proef had overleefd en wordt Medea 1 verwelkomd door de zoons van haar zus. Dan valt Medea 1 op haar knieën, grijpt de knieën Iason vast en zegt opgewonden: ‘O lieve vriend, laten we nu vluchten met het schip voordat Aeetes ontdekt wat er aan de hand is. Ik zal de Gouden Vacht aan je geven en de Draak 4 met tovermiddelen bedwelmen die hem bewaakt. Maar jij moet hier tussen je vrienden voor de Goden getuigen wat je me eerder hebt beloofd, en ervoor zorgen dat ik niet geminacht of vernederd wordt als ik met je meega!

De eed van Iason

Zorgzaam helpt Iason haar overeind en zegt: ‘Ja, jij wonderlijke vrouw, Zeus zal getuige zijn van mijn eed, en ook Hera, de Godin van het huwelijk. Ik zal je als echtgenoot, met alle rechten, naar mijn huis brengen als we er in slagen om weer heelhuids thuis te komen!’ Hierna greep hij met zijn rechterhand de hand van Medea 1 die hem met een dankbare blik aankeek. Dan geeft ze opdracht om met het schip naar het heilige woud te roeien waar de Vacht in een boom was opgehangen. De Argonauten gaan direct aan de riemen zitten en roeien het schip de rivier op terwijl Iason en Meda samen op de achtersteven staan en Iason de bibberende Medea 1 bemoedigend toesprak om haar te kalmeren. Maar zodra ze de plek bereikt hebben gaan de twee van boord, terwijl de mannen aan de roeiriemen blijven zitten, en gaan op weg naar het heilige woud van Ares 1. Even later ziet Iason dat de donkere hemel rood oplicht en vraagt aan Medea 1: ‘Waarom gloeit de hemel zo, wat is dat voor een onheilspellende ster?’ Dan zegt Medea 1: ‘Het zijn de ogen en kwade blik van de Draak 4 die je ziet en de stralen die uit zijn ogen schieten.'

Verovering van de Vacht

Zodra ze bij de enorme eik komen, waar de Vacht in hangt, begint de Draak 4 woedend te sissen en verhief zijn enorme nek toen hij het tweetal zag aankomen. Dan richt Medea 1 een gebed tot de God van de Slaap om haar te helpen het beest in slaap te wiegen. Ook haar moeder Hecate riep ze aan voor hulp, en begint dan een betoverend lied voor het monster te zingen terwijl ze steeds dichter naar hem toe liep. Angstig gaat ook Iason met haar mee en ziet hoe de Draak 4, door het gezang van Medea 1, begint te ontspannen. Met zijn vreselijke kop probeert hij toch nog naar hen te happen maar dan doopt Medea 1 een tak in één van haar toverdranken en sprenkelde daarmee het middel in de ogen van de Draak 4 terwijl ze bedwelmende spreuken uitsprak. Uiteindelijk valt het dier in een diepe slaap, sloot het zijn ogen, en viel de kop willoos op de grond. Dan zegt Medea 1 tegen Iason, terwijl ze de kop van de Draak 4 met het middel blijft bestrijken: ‘Treuzel nu niet langer en pak de Vacht!’ Onmiddellijk klimt Iason via de Draak 4 omhoog en haalt de felbegeerde Gouden Vacht uit de boom. Zodra hij weer op de grond staat drukt hij Medea 1 dankbaar en zwijgend in zijn armen. Daarna rennen ze naar de plek waar de Argonauten op hen liggen te wachten, om Colchis zo snel mogelijk te verlaten voordat Aeetes ontdekt dat de Gouden Vacht is verdwenen.

Vertrek uit Colchis

Als ze bij het schip aankomen heft Iason de Vacht boven zijn hoofd en breekt er een gejuich uit onder de bemanning als zij de schittering van het goud zien. Ze kijken ook bewonderend naar Medea 1 maar stellen geen vragen. Zodra de twee aan boord zijn zegt Iason tegen hen: ‘Het doel waarvoor wij deze reis ondernamen is met succes bereikt door het toedoen van dit meisje. Ik zal haar als wettige echtgenote in mijn huis brengen. Jullie moeten ook voor haar veiligheid zorgen, want zij is onze redster. Aeetes is, denk ik, onderweg om ons met zijn leger de weg naar zee af te snijden. Verdeel nu de taken op het schip. De ene helft moet roeien, terwijl de anderen schilden ophouden om ons te beschermen tegen pijlen van de vijand. Het succes van onze onderneming hangt af of wij hier met succes weten te ontsnappen.’ Daarop schreeuwen de mannen luid en kapt Iason het ankertouw door terwijl hij naast Medea 1 gaat staan en ze samen naar de verdwijnende kust kijken.

Naar Griekenland

Achtervolgers

Zo vaart de Argo zonder problemen de Zwarte Zee over en komen ze bij de monding van de Isthrus (Donau) aan. Daar varen ze één van de mondingen in om de rivier stroomopwaarts te volgen. Wat ze echter niet weten is dat Aeetes een grote vloot schepen achter de Argo heeft aangestuurd die worden geleid door zijn zoon Apsyrtus, de broer van Medea 1. Ook hij vaart de monding van de Isthrus in en kiest een kortere route dan de Argonauten. Zonder dit te beseffen komt hij zo voor op de Argonauten die een langere rivierarm hadden genomen. Zodra de Argonauten bij Peuce aankomen, bij een eiland middenin de rivier, ontdekken ze de vloot uit Colchis en slaat bij hen de vertwijfeling toe als ze de enorme overmacht zien. De Argonauten begrijpen dat ze deze strijd niet kunnen winnen en overwegen om Medea 1 terug te geven aan Apsyrtus om zo een vrije doorgang af te kopen.

Twist met Medea 1

Zodra Medea 1 dit merkt stapt ze op Iason af en zegt: ‘Wat is dat voor een plan dat jullie over mij bedacht hebben? Heeft de verovering van de Vacht jou beroofd van je geheugen? Waar is de eed gebleven die je zwoer in naam van Zeus, en de belofte die je uitsprak? Wordt ik nu verraden en teruggestuurd naar mijn vader om te sterven terwijl jij veilig terugkeert naar Griekenland!’ Zo gaat ze woedend nog even door terwijl Iason haar beteutert aanhoort. Maar dan zegt hij: ‘Beheers je, wonderlijke vrouw! Mij bevalt het evenmin, maar zo proberen we uitstel te krijgen en strijd te voorkomen. Zij denken immers dat we jou gekaapt hebben, en weten niet dat je vrijwillig met ons bent meegekomen. Maar ze zijn met teveel om te verslaan, dus we moeten een list verzinnen. Door net te doen of we jou uitleveren kunnen we Apsyrtus misschien in de val lokken!

De list

Door zijn woorden kalmeert Medea 1 en zegt, na even te hebben nagedacht: ‘Na al mijn schandelijke daden ben ik nu ook nog gedwongen om uit liefde voor jou dit complot te smeden. Stem jij Apsyrtus mild door hem prachtige geschenken aan te bieden. Als zijn gezanten vertrekken zal ik proberen hen over te halen dat ze een gesprek onder vier ogen regelen tussen Apsyrtus en mij. Als hij daarmee instemt, vermoordt hem dan, ik heb geen bezwaar, en ga dan op zijn vloot af’. Zo smeden ze samen dit gruwelijke complot tot een familiemoord en stuurde Iason vele geschenken naar Apsyrtus. Medea 1 sprak met de gezanten en regelde een afspraak met haar broer op het eiland middenin de rivier. Hij moest allen komen en dan zou zij met de Gouden Vacht naar hem toekomen om samen naar huis terug te keren. Zo strooide het tweetal zand in de ogen van de Colchiërs.

Moord Apsyrtus

de moord op Apsyrtus

Die avond ging Iason in een hinderlaag liggen op het eiland en wachtte tot Apsyrtus zou verschijnen. Die kwam alleen naar het eiland en zocht in de duisternis naar zijn zus. Zodra hij haar in het oog krijgt gaat hij naar Medea 1 toe en wil haar in zijn armen sluiten. Maar dan springt Iason uit de hinderlaag tevoorschijn, en doorboort met zijn zwaard het hart van de jongeman, terwijl Medea 1 haar blik afwendde om niet te hoeven zien hoe haar broer vermoord werd. Vervolgens sneed Iason het lijk aan stukken terwijl de Goden in de hemel met afschuw toekeken. Zodra ze weer aan boord zijn van de Argo varen ze in de duisternis naar het schip van Apsyrtus en doden de bemanning. Gebruikmakend van de duisternis varen ze daarna verder en werpt Iason de restanten van Apsyrtus in het water zodat de andere schepen gedwongen worden te stoppen om ze uit het water te vissen zodra zij ’s morgens de ontsnapping ontdekken.

Aankomst op Aeaea

Zo varen de Argonauten verder de rivier op en zien geen enkel teken meer van achtervolgers. In Hylië lijkt de rivier dood te lopen maar worden ze door de plaatselijke bevolking langs een alternatieve route verder geloodst. Als dank voor de hulp schenkt Iason hen de heilige drievoet die hij van Apollo had gekregen aan het begin van zijn tocht toen hij de God om raad vroeg. Zo varen de Argonauten verder en bereiken na lang zwoegen uiteindelijk weer open zee. Die lag ten westen van Italië waar ze bij het eiland Aeaea aankomen dat bewoond werd door de tovenares Circe. Daar gingen Iason en Medea 1 aan land en gaan op weg om een bezoek aan Circe te brengen. Onderweg naar het huis kijken de twee met verbazing naar alle dieren die op het eiland vrij rondlopen en de meest bizarre vormen hebben. Uiteindelijk komen ze bij het huis van de tovenares aan en gaan haar huis binnen waar ze als smekelingen zwijgend bij het haardvuur op de grond gaan zitten. Uit schaamte voor de moord op Apsyrtus durven ze Circe niet aan te kijken en houden hun ogen strak op de grond gericht.

Rituele reiniging

Maar Circe had onmiddellijk in de gaten wat er aan de hand was, en welke bloedschuld zij op zich geladen hadden. Hoewel ze de daad verafschuwt besluit ze zwijgend, uit eerbied voor de wetten van Zeus, het tweetal ritueel te reinigen van de moord. Ze hield een big boven hun hoofden en liet het bloed, na een snelle snede met een mes, over hun handen stromen. Daarna schonk ze nog enkele andere offers en bad tot Zeus om verzoening voor hun daad. Vervolgens verbrandde ze koeken in de haard en vroeg de Erinyen hun terechte woede te bedaren. Pas nadat ze dit alles zorgvuldig had uitgevoerd mochten Iason en Medea 1 opstaan en liet Circe hen plaatsnemen op twee stoelen.

Vermaning van Circe

Ze neemt onmiddellijk het woord en ondervraagt het tweetal nauwgezet wat hen tot deze tocht gedreven had. Ze wilde van Iason ook weten waar het meisje vandaan kwam omdat haar uiterlijk Circe zeer bekend voorkwam. Dan vertelt Medea 1 haar verhaal en van hun beproevingen, maar verzweeg de moord op Circe. Maar Circe doorzag de ware toedracht van haar verhaal en zegt: ‘Jij ongelukkige, je daad is vol schande en ik denk niet dat je aan de woede van Aeetes kunt ontkomen. Binnenkort zal hij zelf in Griekenland verschijnen om de dood van zijn zoon te wreken. De misdaad die jullie gepleegd hebben is onvergeeflijk. Maar nu jullie hier als smekelingen zijn verschenen heb je van mij geen kwaad te duchten. Vertrek wel onmiddellijk uit mijn huis en kom nooit meer aan mijn haard zitten. Ik keur wat jullie gedaan hebben niet goed en stem ook niet in met de schanddaad die jullie gepleegd hebben.’ Beschaamd verlaten Iason en Medea 1 onmiddellijk het huis en lopen direct naar de Argo om de zee weer op te gaan.

Op weg naar Sikkeleiland

De Sirenen

Zo beginnen de Argonauten aan een lange tocht over zee en komen als eerste langs het eiland met de Sirenen. Deze vrouwen proberen de Argonauten in het water te lokken met hun gezang en springt Butes 1 overboord om zijn ondergang tegemoet te gaan. Maar dan pakt Orpheus zijn lier en zingt een prachtig lied, waarmee hij het gezang van de Sirenen overstemt, en de Argonauten zonder verdere verliezen het eiland passeren. De volgende hindernis is de passage tussen Charybdis en Scylla 1 door en daarna de Planktai. Op beide plekken worden de Argonauten geholpen door Hera, die de Nereiden te hulp laat schieten, waardoor het schip ongeschonden de Middellandse Zee opvaart. Nadat ze Sicilië zijn gepasseerd, waar de runderen van Helius grazen, doemt in de verte Cercyra (Sikkeleiland) op en besluit Iason dat het weer tijd is aan land te gaan om verse voorraden in te slaan. Zodra de Argonauten voet aan land zetten worden zij gastvrij opgevangen door de bevolking, de Phaeaken. Maar even later ziet Iason ook schepen uit Colchis in de haven aankomen. De schrik slaat Iason en Medea 1 om het hart en beseffen dat Aeetes de achtervolging nog niet heeft opgegeven.

Opnieuw achtervolgers

Terwijl Iason zijn opwachting maakt bij Alcinous 1, de koning van de Phaeaken, en hem zijn avonturen vertelt, komen ook de Colchiërs de audiëntiezaal van de koning in. Ze gaan direct op Iason af en eisen dat hij onmiddellijk Medea 1 aan hen teruggeeft. Uiteraard weigert Iason en er dreigt een gewapend conflict uit te breken. Dan grijpt Alcinous 1 in en weet de gemoederen te bedaren. Hij duldt geen strijd op zijn eiland en zegt dat hij de volgende ochtend een uitspraak in het conflict zal doen waar beide partijen zich aan dienen te houden. Dan valt Medea 1, die de angst om uitgeleverd te worden om het hart sloeg, smekend op haar knieën voor Arete, de vrouw van de koning. ‘Ik grijp uw knieën, koningin! Wees mij genadig en lever mij niet aan uit aan de Colchiërs! U behoort immers ook als mens tot het geslacht der mensen, wier geest zo snel verblindt raakt door een dwaze misstap, zoals ook mij het gezonde inzicht in de steek liet. Niet hartstocht was daar schuldig aan! Ik zweer u, dat ik niet uit vrije wil met de vreemdelingen ben meegegaan, het was de angst die mij tot deze vlucht gebracht heeft. Ik heb een fout gemaakt en had geen andere keus! Mijn meisjesgordel is nog onaangeraakt en ongeschonden. Heb erbarmen, koningin, stem uw echtgenoot voor mij genadig! Ik bid en smeek de Goden dat zij u een levenslang geluk mogen schenken, en de roem van uw stad nimmer door een vijand wordt verwoest’. Arete krijgt medelijden met Medea 1 en belooft haar best te zullen doen bij Alcinous 1. Zo keert de rust enigszins terug, gaan Iason en Medea 1 terug naar de Argo en valt de avond in.

Huwelijk

Halverwege de nacht komt er een bediende van Arete naar de Argo die Iason en Medea 1 opdraagt om die nacht in liefde door te brengen. Want koning Alcinous 1 had besloten om Medea 1 niet uit te leveren aan de Colchiërs als zij geen maagd meer was en met Iason het bed had gedeeld. Hoewel Iason pas thuis met Medea 1 had willen trouwen is hij zeer verheugd zodra hij het bericht hoort, en bereidt samen met Medea 1 hun ‘huwelijk’ voor. Ze gaan naar een heilige grot, waar Iason een offer brengt aan Hera, de Godin van het huwelijk, en plukken de Nimfen bloemen voor het bruidspaar. Zodra de eenvoudige huwelijksceremonie is voltrokken spreidt Iason de Gouden Vachtuit op de grond en vervult uiterst liefdevol zijn echtelijke plicht in de willige armen van Medea 1. De volgende ochtend doet Alcinous 1 zijn uitspraak, zoals Arete voorspeld had, en mag Medea 1 bij Iason blijven. Dan geven de Colchiërs hun achtervolging op en blijven achter op zijn eiland.

Aankomst in Griekeland

Na zeven dagen op het eiland verbleven te hebben gaat Iason de zee weer op en vaart met een gunstige bries richting Iolcus. Maar de ellende voor de Argonauten is nog niet over en krijgen opnieuw met allerlei tegenslagen ta maken. Zo komen ze door een storm in ondiep water voor de noordkust van Afrika terecht waardoor ze niet meer naar zee kunnen. Na de dood van enkele tochtgenoten weten ze uiteindelijk, met hulp van Triton, weer open zee te bereiken. Onmiddellijk stak er een gunstige wind op en koersen ze, verlangend om thuis te komen, naar Griekenland. Onderweg varen ze langs Kreta om vers water in te nemen maar worden aan de kust tegengehouden door de bronzen man, Talos 1. Die bekogelt de Argo met rotsblokken waardoor het schip dreigt te zinken. Dan toont Medea 1 opnieuw haar toverkunsten en overweldigt de Talos 1 met een zeer doeltreffende toverspreuk, en trekt de bronzen pen uit zijn enkel waardoor alle Ichor uit zijn lichaam stroomt. Dan varen ze naar de kust en brengen de op het eiland nacht door. Zo keren de Argonauten, na een tocht van bijna een jaar, uiteindelijk terug in Iolcus waar ze in de haven door de juichende bevolking worden ontvangen. Dan stapt Iason, samen met zijn Medea 1, van boord terwijl hij de stralende Vacht om zijn schouders draagt.

Gebeurtenissen Griekenland

Moordplan

Kort nadat Iason de Gouden Vacht aan de oude koning Pelias 1 had gegeven komt hij er achter dat zijn ouders, door toedoen van Pelias 1, gestorven zijn. Zodra hij dit aan de Argonauten vertelde stonden ze allemaal klaar om Iason te steunen en elk gevaar voor hem te trotseren. Enkelen van hen adviseerden Iason om Pelias 1 direct te overvallen, terwijl anderen zeiden dat ze met te weinig mannen waren om de koning te overmeesteren. Dan laat Medea 1 weer van zich gelden, en zegt tegen Iason dat zij Pelias 1 voor hem zal doden met een list, zonder dat de Argonauten enig risico lopen. Toen ze allemaal verbaasd waren over haar verklaring, en vroegen om te vertellen wat ze in gedachten had, vertelde Medea 1 dat ze vele kruiden met zich meegenomen had die door Hecate en Circe waren ontdekt. En hoewel ze die voor die tijd nog nooit had gebruikt om een mens te vernietigen, wilde ze in dit geval er wel gebruik van maken om wraak te nemen op de man die straf verdiende. Die avond gaat Medea 1 alleen naar het paleis van Pelias 1 om een bezoek te brengen aan de dochters van Pelias 1.

Gebed tot haar moeder

Medea, brouwt een mengsel

Onderweg, terwijl de sterren fonkelen, heft Medea 1 haar armen in de lucht, besprenkelde zich driemaal met water dat ze uit een beek geschept had, en valt op haar knieën om de hulp van haar moeder af te smeken. ‘O Hecate, driehoofdige Godin die van mijn plan getuige is, beschermster van mijn toverkunst en spreuken! Ik smeek u, sta mij bij om een middel te brouwen waardoor de grijsheid verandert in de jeugd!Hecate besluit om haar dochter te steunen, en even later ziet Medea 1 een wagen voor zich verschijnen die wordt getrokken door twee Draken. Snel stapt ze in en rijdt daarmee door de lucht naar diverse verre streken om kruiden te verzamelen. Vervolgens mengt zij deze kruiden met die van zichzelf om het benodigde brouwsel te maken en gaat dan het paleis in naar de kamer waar de dochters van Pelias 1 zich ophouden.

Dochters van Pelias 1

Zodra Medea 1 hen ontmoet doet ze net of ze ruzie heeft gekregen met Iason en als smekeling naar het paleis van Pelias 1 is gevlucht. De meisjes ontvangen haar vriendelijk en Medea 1 neemt ze al snel voor zich in onder het mom van vriendschap. Ze vertelt hen over haar tocht vanuit Colchis en hoe ze daar was opgegroeid tot een vaardige tovenares. Terloops zegt Medea 1 dat ze ook in staat is om mensen te verjongen. Zodra de meisjes dit horen groeit bij hen de hoop dat Medea 1 in staat zal zijn om hun oude vader te verjongen, en smeken Medea 1 om ook hun vader te verjongen. Medea 1 doet net of ze aarzelt, de meisjes in spanning latend, maar stemt dan toe en zegt: ‘Om mijn vaardigheden te tonen zal ik eerst van een oude ram weer een jong lammetje maken.

Verjongingskuur

De meisjes laten direct een zeer oude bok halen die door Medea 1 met een mes wordt gekeeld en in stukken gesneden. Dan zet ze een ketel met water boven het vuur en brengt dat aan de kook. Zodra het water borrelt, werpt ze de stukken vlees in het kokende water en voegt ook het brouwsel toe dat ze die avond had gemaakt. Na enkele spreuken te hebben uitgesproken springt er plotseling, tot grote verwondering van de dochters van Pelias 1, een jong lammetje uit de ketel. Maar de meisjes zijn overtuigd van de kunde van Medea 1, en vragen haar om nu hun vader te verjongen. Uiteraard is ze daartoe bereid en zegt: 'Aarzel niet langer, terwijl het water nog heet is! Grijp allemaal een zwaard en snijdt Pelias 1 aan stukken. Ik zal intussen een nieuw brouwsel maken om jullie oude vader weer een jongeman te maken'. Daarop snellen de meisjes weg om te doen wat Medea 1 hen had opgedragen. Uiteraard gebruikt Medea 1 nu een ander kruid waardoor de verjongingskuur mislukt en de restanten van Pelias 1 onveranderd in het water blijven drijven.

Tien gelukkige jaren

Zo stierf Pelias 1 door toedoen van zijn eigen dochters en kreeg Iason, of de Argonauten, hier niet de schuld van. Hoewel iedereen begreep dat Medea 1 de ware schuldige was konden ze haar niet straffen maar kreeg Iason wel opdracht om direct Iolcus te verlaten. Zo varen de Argonauten naar de Isthmus, waar ze uiteengaan en het schip op de kust achterlaten, en Iason en Medea 1 aan het hof van koning Creon 2 in Corinthe gaan wonen. Daar brengen de twee tien gelukkige jaren samen door, en raakt Medea 1 meerdere keren zwanger. Ze krijgt twee zoons met de namen Mermerus 2 en Pheres 2, en volgens een enkele schrijver ook de zoon Medus. Maar er zijn ook mythen die stellen dat zij drie kinderen kregen met de namen Thessalus 2, Alcimedes 2 en Tisandrus. Na tien jaar in Corinthe te hebben gewoond, begon Iason zijn interesse in Medea 1 te verliezen, en bracht steeds meer tijd door aan het hof van koning Creon 2 waar hij verliefd raakt op Glauce 2, de dochter van de koning.

Aeetes Idyia / Clytia 1 / Hecate Aeson Polymede / Alcimede 1 / Amphinome 3
Medea 1 Iason
Mermerus 2, Pheres 2, Thessalus 2, Alcimedes 2, Tisandrus, (Medus)

Verstoten

Verbanning van Medea 1

Teleurgestelde Medea en haar kinderen

Creon 2 is zeer verguld met deze aandacht van Iason en biedt hem zijn dochter als vrouw aan onder de voorwaarde dat hij Medea 1 uit het land verstoot. In eerste instantie probeert Iason Medea 1 te overtuigen om vrijwillig te scheiden, want hij verlangde er hevig naar om met zijn nieuwe vrouw te trouwen. Maar Medea 1 werd boos en weigerde terwijl ze hem herinnert aan de eed die hij in colchis gezworen had. Dan gaat Creon 2 naar Medea 1 en zegt. ‘U met uw kwade blik, zo boos op uw man, ik beveel u om dit land als balling te verlaten, en neem uw kinderen mee. Ik zal er zelf op toezien dat dit bevel wordt uitgevoerd, want ik ben bang voor u en uw kwade kunsten en vertrouw u niet.’ Medea 1 smeekt nog enige tijd, zegt dat ze zich zal gedragen en geen gevaar vormt, maar Creon 2 is onverbiddelijk. Hij geeft Medea 1 één dag de tijd om te vertrekken, en dreigt met geweld als ze de volgende dag, wanneer Iason en Glauce 2 in het huwelijk treden, niet vertrokken is.

Opnieuw doden

Dan geeft Medea 1 toe en zegt tegen Creon 2 dat ze zal gaan, maar zint op wraak. Ze laat haar zoontjes een met gif besmeurde mantel naar Glauce 2 brengen, maar doodt de jongens zodra ze zijn teruggekeerd. Alleen Thessalus 2 werd gespaard omdat die wist te ontsnappen aan de moordlust van zijn moeder. Dan stapt Medea 1, jammerend over de ontrouw en ondankbaarheid van Iason, in haar Drakenwagen en vlucht weg uit Corinthe. De volgende ochtend, als de plechtigheid gaat beginnen, trekt Glauce 2 de mantel aan. Maar even later vliegt die, door de toverkunst van Medea 1, in brand en probeert Glauce 2 het kledingstuk uit te trekken. Creon 2, die het ziet gebeuren, probeert zijn dochter te helpen en de vlammen te doven. Maar ook hij blijft aan het kledingstuk kleven, en komt samen met zijn dochter gruwelijk in de vlammenzee om het leven. Dan maakt Iason, die nu kinderloos en zonder vrouw eenzaam in Corinthe achterbleef, eveneens een eind aan zijn leven.

Athene

Medea 1 kwam in Athene terecht waar ze gastvrij werd ontvangen door koning Aegeus 1. Maar dan wordt Medea 1 door Hippotes, de zoon van Creon 2 beschuldigd van de moord op zijn vader. Aegeus 1 zorgt dat er een proces komt, zoals in die tijd in Athene gewoon was, en wordt Medea 1 vrijgesproken van de beschuldigingen die tegen haar waren ingebracht. Na de rechtszaak trouwt Aegeus 1 met Medea 1, wordt ze opnieuw zwanger, en baart negen maanden later de zoon, Medus. Korte tijd daarna komt Medea 1 er achter dat Aegeus 1 een zoon (Theseus) heeft, die hij zo’n twintig jaar eerder verwekt had bij een andere vrouw, toen hij naar het orakel ging om advies over zijn kinderloosheid. Bang als ze is om opnieuw verstoten te worden beraamde Medea 1 een plan om Theseus te doden, zodra ze hoort dat hij onderweg is naar zijn vader in Athene.

Aeetes Idyia / Clytia 1 / Hecate Pandion 5 / Scyrius Pylia
Medea 1 Aegeus 1
Medus

Theseus

Ze overtuigt Aegeus 1, die niets van de komst van Theseus afwist, dat de vreemdeling een gevaarlijke man was, en stelt voor om hem tijdens de maaltijd met gif te doden dat in een beker wijn was gemengd. Aegeus 1 stemt in, maar als Aegeus 1 tijdens de gastmaaltijd hem de beker wijn overhandigt valt zijn oog op het zwaard dat Theseus bij zich had. Aegeus 1 herkent dit als zijn eigen zwaard, dat hij bij de vrouw had achtergelaten met wie hij twintig jaar geleden de nacht had doorgebracht. Dan beseft Aegeus 1 dat de vreemdeling zijn eigen zoon is, en gooit snel de beker wijn om. Hij begrijpt ook dat Medea 1 wist dat het zijn zoon was, en verjaagt haar woedend uit zijn huis. Zo wordt Medea 1 voor de tweede keer verstoten en moet zij, samen met haar zoon Medus, het land ontvluchten.

Terug naar huis

Teleurgesteld in al die trouweloze Grieken besluit Medea 1 terug te keren naar haar vaderland, en gaat op weg naar Colchis. Onderweg komt ze in Absoros, waar haar broer Apsyrtus was begraven. Daar had de bevolking last van een groot aantal slangen. Zodra Medea 1 in haar Drakenwagen verschijnt, smeekt de bevolking Medea 1 om hulp. Daarop verzamelde Medea 1 alle slangen en sloot die op in het graf van haar broer en reist vervolgens verder naar Colchis. Daar sluit Medea 1 vrede met haar oude vader, die echter door zijn broer Perses 2 uit de macht was gezet. Dan brengt Medus een leger op de been en valt Perses 2 aan. Hij weet Perses 2 te doden en herstelt daarna Aeetes weer in de macht. Zo leeft Medea 1 tot haar dood in Colchis, waarna ze door de Goden naar het eiland van de Gelukzaligen werd gebracht en, volgens enkele schrijvers, de vrouw van Achilles werd.

Aeetes Idyia / Clytia 1 / Hecate Peleus Thetis
Medea 1 Achilles (na zijn dood)
-

Bronnen:

©2015 Maarten Hendriksz