Namen Dieren Geografie Gebeurtenissen Sterrenbeelden Bronnen

vorige pagina

volgende pagina

Paris - Alexander 2

Eenvoudige herder

Afstamming

Paris, die na zijn geboorte Alexander 2 werd genoemd, is een zoon van koning Priamus van Troje en zijn officiële vrouw Hecabe 1. Toen Hecabe 1 van hem in verwachting was kreeg ze een droom over een fakkel die met zijn vlammen de berg Ida, de stad Troje, en uiteindelijk het hele land in as legde. Zieners zeiden tegen Hecabe 1 dat de fakkel haar ongeboren kind voorstelde en de val van Troje voorspelde. Daarop besluiten Priamus en Hecabe 1 om het kind direct na de geboorte te doden. Maar Hecabe 1 gaf de baby stiekem aan een slaaf mee en gaf opdracht om hem naar de herders op de hellingen van de Ida te brengen. Die namen de kleine jongen in hun armzalige woningen op, noemden hem Alexander 2, en brachten hem groot om net als zijzelf de kudden te hoeden.

Herder op de Ida

Zo groeit Alexander 2 in de bergen op tot een knappe jongeman, met blond haar, prachtige ogen en een vriendelijke stem. Daarnaast was hij eerlijk, maar ook moedig en waren de herders dol op hem, omdat hij rovers wegjoeg en de kudden beschermde. Als kleding droeg hij een eenvoudige geitenhuid op zijn rug, die tot zijn dijbenen reikte, en een grote houten staf waarmee hij de dieren terug in de kudden dreef als ze afdwaalden. Op de rustige momenten lag Alexander 2 lui in de schaduw van een boom en speelde dan weeklagende herdersliedjes op zijn fluit, of zong met zijn prachtige stem liederen voor Hermes en Pan. Door zijn stem werden zelfs de dieren rustiger en lagen op de muziek van zijn spel rustig in het gras hun maal te herkauwen.

Oenone

Oenone en Alexander

Wanneer Alexander 2 bij een bron zijn dieren laat drinken ontmoet hij de Bronnimf Oenone, de dochter van Riviergod Cebren. De twee zijn op slag verliefd en verlaat Oenone haar bron om de vrouw van Alexander 2 te worden om in zijn hut op de berghelling van de Ida te gaan wonen. Daar zwoer Alexander 2, omdat hij zo verliefd op Oenone was, haar nooit te verlaten en haar altijd met de grootste achting te behandelen. Maar Oenone, die de kunst van het voorspellen van Rhea had geleerd, zei dat er een moment zou komen dat hij Europa zou doorkruisen, om daarna terug te keren met een buitenlandse vrouw, met een verschrikkelijke oorlog als gevolg. Ze voorspelde bovendien dat hij in de oorlog gewond zou raken en niemand, uitgezonderd zijzelf, hem dan kon genezen.

Pril geluk

De verliefde Alexander 2 liet Oenone echter, elke keer als ze hierover begon, haar mond houden en trok zijn vrouw mee naar bed om andere zaken te bespreken. Als de twee niet in bed lagen gingen ze samen op jacht, tijdens het hoeden van de kudden, en leerde Oenone hem alle zaken over de natuur, en wees Alexander 2 de holen waar de wilde beesten hun jongen verzorgden. Zo leefden de twee geliefden een tijd lang zeer tevreden met elkaar op de Ida en raakt Oenone zwanger van een zoon die ze, na de geboorte, Corythus 4 noemden. Volgens enkele andere mythen bleef het huwelijk van Alexander 2 en Oenone echter kinderloos, en verwekte hij dit kind pas vele jaren later bij Helena. Dit geluk werd echter wreed verstoord toen bedienden van koning Priamus een van zijn stieren kwamen ophalen om als prijs te dienen voor de Spelen die werden georganiseerd ter gedachtenis van hun ‘gestorven’ zoon Paris.

Begrafenisspelen

Als Alexander 2 dit hoort gaat hij uit nieuwsgierigheid met de bedienden mee naar Troje om naar de Spelen te kijken, en te ontdekken wie zijn stier in ontvangst zou nemen. Daar aangekomen besluit hij om ook deel te nemen en wint, tot ieders verbazing, elke wedstrijd. Daar is Deiphobus 1, een andere zoon van koning Priamus, zo boos over dat hij met getrokken zwaard op Alexander 2 afstormt om hem te doden. Alexander 2 weet echter aan Deiphobus 1 te ontsnappen, en vlucht naar het altaar van Zeus. Dan begint Cassandra, die de gave van het voorspellen bezat, te orakelen dat hij haar broer is, en wordt Alexander 2 uiteindelijk herkend door zijn ouders als hun te vondeling gelegde zoon Paris, en ontvingen hem in het paleis. Maar Alexander 2 wil zijn vrouw Oenone niet verlaten, besluit om gewoon herder te blijven, en keert terug naar zijn hut en vrouw op de berghelling, maar besluit wel om zich voortaan Paris te noemen.

Oordeel van Paris

Opdracht van Zeus

Na tien jaar op de hellingen gewoond te hebben slaat echter het noodlot toe waardoor het leven van Paris drastisch zou veranderen. Wanneer hij eens, zonder Oenone, met zijn kudde op de hellingen van de Ida rondtrekt, komt er plotseling een man in gezelschap van drie vrouwen op Paris aflopen die hem aanspreekt. De man stelt zich voor als de God Hermes en de drie vrouwen als de Godinnen Hera, Athena en Aphrodite. Vervolgens zegt Hermes tegen Paris: ‘Ik ben met een boodschap van Zeus hierheen gekomen. Die heeft je benoemd als scheidsman om te bepalen wie van deze drie Godinnen de mooiste is. Omdat je knap bent, en wijs in de zaken der liefde, mag alleen jij beslissen en krijgt de winnares deze appel met de inscriptie, ‘voor de mooiste.’’ Hoewel Paris nog even tegenstribbelt, is Hermes onverbiddelijk en herhaalt nog een keer het bevel van Zeus, waarna hij zich terugtrekt en Paris met de drie vrouwen achterblijft om zich van zijn taak te kwijten.

Schouw Hera en Athena

Om te beginnen geeft Paris opdracht aan de drie Godinnen om hun kleding uit te trekken zodat hij zijn taak goed kan vervullen. Dan begint Paris aan zijn opdracht en schouwt als eerste Hera, de vrouw van Zeus, terwijl Athena en Aphrodite zich iets terugtrekken. Terwijl hij zijn ogen goed de kost geeft probeert Hera Paris om te kopen door hem te beloven dat hij heerser over heel Azië wordt als hij haar tot mooiste van de drie uitroept. Maar Paris zegt geen geschenken aan te nemen en dat hij zal oordelen zoals hij denkt dat juist is. Vervolgens stuurt hij Hera weg en vraagt Athena om naar voren te komen. Ook haar bekijkt Paris grondig terwijl de Godin, als hij haar de appel als prijs wil geven, beloofde om Paris de grootste krijger en veroveraar te maken die elk gevecht zal winnen. Maar ook tegen haar zegt Paris dat hij geen geschenken aanneemt en haar eerlijk wil beoordelen. Vervolgens roept hij Aphrodite.

Wellustige Aphrodite

Paris schouwt de drie Godinnen

De Godin van de liefde is veel vrijmoediger dan de andere twee Godinnen, en toont wellustig haar naaktheid aan Paris, terwijl ze zegt: ‘Kijk goed en laat niets aan je waakzame ogen ontsnappen. Verder heb ik een oogje op je en denk dat je de knapste jongeman van heel het land bent. Maar waarom blijf je hier in de bergen wonen terwijl ik je de mooiste vrouw ter wereld kan bezorgen als je weer in Troje wil gaan wonen. Ik heb een mooie vrouw voor je in gedachten, de Griekse Helena die net zo mooi is als ik. Je moet voor een inspectiereis naar Sparta in Griekenland varen waar je haar zal ontmoeten. Als je besluit om mij tot mooiste te verkiezen beloof ik dat je haar als vrouw zult krijgen.’ Ondertussen bewerkte Aphrodite het gemoed van Paris en schenkt hij haar zodra ze uitgesproken is, zonder te aarzelen, de appel. Vervolgens bespot Aphrodite Athena en Hera, die zich diep beledigt voelen, en wekt ze een smachtend verlangen naar Helena in het hart van Paris.

Raadsvergadering

Zodra de drie Godinnen vertrokken zijn gaat Paris naar het paleis van zijn vader Priamus, die op dat moment net zijn Raad bijeen geroepen had voor overleg om over de schaking van zijn zus Hesione 2 te praten. Priamus had de oude Antenor 1 naar Griekenland gestuurd om over de teruggave van zijn zus te onderhandelen, maar de Grieken behandelden hem smalend en stuurden Antenor 1 met lege handen terug naar Troje. Dan grijpt Paris zijn kans en zegt dat ze een vloot naar Griekenland moeten sturen om de Grieken te straffen voor hun minachting. Vervolgens zegt Paris dat hij bereid is om deze missie te leiden, en dat er een goede aanleiding is dat de Goden hem daarbij zullen helpen. Vervolgens vertelde hij wat er gebeurd was op de Ida en hoe Aphrodite hem beloofd had om te helpen. Dit verhaal viel in goede aarde bij Priamus, en bijna al zijn zoons, en gaf opdracht om een vloot te bouwen zodat Paris naar Griekenland kon varen om Hesione 2 terug te halen.

Waarschuwingen

Samen met een groot aantal mannen gaat Paris vervolgens naar de Ida om in de bossen de benodigde bomen te kappen voor de bouw van tweeëntwintig schepen. Zodra die gereed zijn, en Paris op het punt staat te vertrekken, komt Oenone naar hem toe en waarschuwt hem om niet naar Griekenland te vertrekken. Toen ze hem niet kon overreden barste ze in tranen uit en voorspelde Paris wat er stond te gebeuren. Vervolgens zegt ze tegen hem dat als hij gewond raakte, hij naar haar toe moet komen, omdat zij de enige was die hem kon genezen. Maar Paris luistert niet en neemt afscheid van zijn vrouw, om zo snel mogelijk te kunnen vertrekken. Ook Helenus 1 en Cassandra, zijn broer en zus, voorspellen wat het gevolg van zijn reis zal zijn, maar de naar Helena smachtende Paris laat zich door niemand weerhouden en vaart uiteindelijk weg van de kust.

Schaking van Helena

Naar Griekenland

Enkele dagen voordat hij Griekenland bereikt komt Paris op zee enkele andere schepen tegen waarop zich, zonder dat Paris dit wist, de man van Helena, Menelaus, zich bevond. Die kijkt met grote verbazing naar de koninklijke schepen, en vroeg zich af waar ze naar toe onderweg waren. De volgende dag bereikt Paris Griekenland en wil hij, in opdracht van zijn vader, een bezoek aan Castor en Polydeuces brengen, maar bleken die op reis te zijn. Dan vaart Paris, na een offer aan Aphrodite te hebben gebracht, vol begeerte naar Sparta om de mooie Helena te ontmoeten. Zodra hij daar aankomt, wast hij zich in een ijskoude rivier, trekt zijn mooiste kleding aan, en loopt naar het paleis van Menelaus. Volgens een enkele mythe was Menelaus op dat moment nog thuis en ontving hij Paris negen dagen lang uiterst gastvrij in zijn huis. Vervolgens laat hij zijn gast achter bij Helena om zelf, samen met zijn broer Agamemnon, naar Kreta te vertrekken om de erfenis van Minos 1 in ontvangst te nemen. Menelaus geeft bij zijn vertrek Helena nog opdracht om hun gast in alles te voorzien wat hij nodig heeft, en vaart dan weg.

Huwelijksaanzoek

Zodra Helena en Paris elkaar ontmoeten slaat de verliefdheid, door toedoen van Aphrodite, over en weer toe. Helena, die niet kan ophouden met naar die knappe man te kijken, zegt uiteindelijk: ‘Waar komt u vandaan, vreemdeling? Vertel me uw afkomst, want qua schoonheid lijkt u een koning, maar uw familie is mij onbekend onder de Grieken!’ Daarop zegt Paris met honingzoete stem: ’Wellicht hebt u gehoord van Troje, waar Poseidon en Apollo de muren voor bouwden. Ik ben de zoon van koning Priamus, en stam uit het geslacht van Dardanus 1. Ik ben de rechter van Godinnen, en heb Aphrodite tot de mooiste Godin verkozen. En zij beloofde mij een waardige beloning voor mijn werk, een verrukkelijke bruid die ze Helena noemde, haar eigen zuster. Voor u heb ik de gevaarlijke zee overgestoken. Kom trouw met me, want dat is was Aphrodite wil, en laat Menelaus achter.

Reactie Helena

Paris vraagt Helena ten huwelijk

Verbaasd over zijn openhartige liefdesbetuiging gaf Helena lange tijd geen antwoord, en staarde naar de grond. Maar dan kijkt ze Paris recht in zijn ogen en zegt: ‘Ik zou graag die muren van Troje eens met eigen ogen willen zien. Kom, breng me naar Troje, en ik zal je graag en vrijwillig volgen zoals Aphrodite beveelt. Ik vrees Menelaus niet, als Troje mij wil ontvangen.’ Paris is dolgelukkig en samen treffen ze de nodige voorbereidingen om die nacht stilletjes weg te zeilen. Terwijl Paris de helft van alle bezittingen van Menelaus uit zijn schatkamer rooft, en naar zijn schip brengt, dwingt Helena haar dienaressen, Aethra 1 en haar dochter Clymene 2, om zich ook in te schepen zodat ze in Troje twee vertrouwde verzorgsters heeft. Als iedereen aan boord is geeft Paris opdracht om de zeilen te hijsen en gaat hij samen met Helena, die haar dochter Hermione 1 achterliet, in het duister van de nacht op weg naar Troje. De zee is kalm, en zodra ze bij het eiland Cranae aankomen, kunnen Paris en Helena hun passie niet langer bedwingen, maken ze een tussenstop, en consumeren hun zelfvoltrokken huwelijk.

Sidon

Maar de Godin van het huwelijk, Hera, is woedend over de ontrouw van Helena en laat de volgende dag een storm op zee ontstaan waardoor de vloot van Paris naar de havenstad Sidon in Phoenicië werd gedreven. Daar wordt hij hartelijk ontvangen door de koning van de stad maar slacht Paris hem ’s nacht trouweloos af. Schaamteloos geeft hij vervolgens zijn mannen opdracht om alles van enige waarde te grijpen en naar de schepen te brengen. De Sidoniërs ontdekken echter wat er gebeurde en er ontstaat een enorm tumult. Gewapend trekken zij tegen Paris en zijn mannen op, die met veel moeite naar hun schepen weten te ontsnappen, en sneuvelen velen van zijn mannen, terwijl twee van zijn schepen in brand werden gestoken. Na een verschrikkelijke strijd weet Paris uiteindelijk met de rest van zijn schepen uit de haven te ontsnappen en gaat hij langs de kust op weg naar Troje.

Aankomst in Troje

Zo keert Paris, rijk beladen met de schatten van Menelaus en de buit uit Sidon aan boord van zijn schepen, zegevierend terug in Troje met Helena aan zijn zijde. Tijdens zijn aankomst tonen vele Trojanen hun afschuw over wat Paris had gedaan, en kwamen in opstand. Gealarmeerd door de gang van zaken riep Priamus de Raad en zijn zoons bijeen en vroeg hen wat zij adviseerden. Nadat Paris alle gebeurtenissen verteld had was Priamus echter verrukt over de gang van zaken, en hoopte dat de Grieken zouden proberen om Helena terug te eisen, en zo zijn zus Hesione 2 terug kon vragen. Ook de meerderheid in de Raad, en de meeste van zijn zoons, zijn in de ban van de mooie Helena, en adviseerden dat ze onder geen enkele voorwaarde teruggegeven mocht worden aan de Grieken. Daarop heette Priamus Helena welkom in Troje, drong er bij haar op aan om zich thuis te voelen, en vroeg naar haar voorouders. Dan begint Cassandra te voorspellen wat er ging geboren, maar gaf Priamus opdracht om zijn gestoorde dochter weg te voeren en op te sluiten.

Voorbereidingen

In Troje bouwt Paris voor zichzelf en Helena een schitterend huis, hoog op de heuvel en vlak naast het paleis van Priamus, waar de twee enkele zeer gelukkige jaren met elkaar doorbrengen. Maar er verschijnen langzaamaan donkere wolken aan de hemel. De Trojanen kwamen er achter dat de Grieken de schaking van Helena hoog opnamen, en een grote legermacht aan het verzamelen waren om deze daad te wreken. Daarop besluiten Priamus en Paris om gezanten naar de omliggende koningen in de diverse steden en landen te sturen om die, onder de belofte van grote sommen goud, te verzoeken soldaten te sturen om de stad te helpen verdedigen en de Grieken te weerstaan. Vervolgens stelt Priamus zijn zoon Hector aan tot legerleider, met als onder zich Deiphobus 1, Paris, Troilus en Aeneas als ondercommandanten. Zo wachten ze gespannen op de komst van de Grieken en verhelpen kleine gebreken aan de hoge muur die de stad omgeeft.

Trojaanse Oorlog

Begin van de oorlog

De Grieken vallen Troje aan.

Tien jaar na de schaking van Helena verschijnt aan de horizon een enorme vloot met meer dan duizend schepen die langzaam de kust naderen, en is de Trojaanse Oorlog een feit. Tijdens de landing van de Grieken ontstaat er een enorme slachting waarbij vele Grieken en Trojanen sneuvelen. Menelaus ging direct op Paris af en begon hem te achtervolgen. Hoewel Paris Menelaus een pijl in zijn been wist te schieten gaf hij de achtervolging niet op, en moeten Hector en Aeneas hem redden om te voorkomen dat Menelaus Paris zou afslachten. Aeneas hield daarbij zijn schild beschermend voor zijn rug en leidde Paris zo de stad in. Hoewel Hector zijn mannen dapper aanvoerde kon hij niet voorkomen dat de Grieken erin slaagden om aan het eind van de dag hun schepen aan land te trekken, en op het strand hun basiskamp inrichtten.

Strijd en liefde

Gedurende de eerste jaren van de oorlog vallen de legers regelmatig op elkaar aan, maar weet geen van de twee een overwicht te behalen op de ander. Na elke slag wordt een bestand afgesproken om de doden te begraven en de gewonden te verzorgen, om daarna weer met volle kracht op elkaar in te slaan. Tijdens deze veldslagen vecht Paris dapper mee in het leger maar is geen geweldige krijger, en weet zijn directe tegenstander Menelaus elke keer te ontlopen. Hij wordt voornamelijk bekend vanwege zijn vaardigheid met de boog, waarmee hij terwijl hij werd beschermd door Trojanen de tegenstanders met zijn pijlen weet te raken. Gedurende deze jaren verwekt Paris bij Helena drie kinderen met de namen: Bunomus, Corythus 4 en Idaeus 3. Maar zijn er ook mythen die stellen dat Aganus ook kind van Paris en Helena was. Zo sleept de oorlog zich negen jaar voort en breekt het tiende jaar van de strijd aan waarin het lot van Troje, zoals voorspeld, beslecht zou worden.

Uitdaging van Paris

Aan het begin van het tiende jaar van de oorlog lijken de kansen in het voordeel van de Trojanen te keren als Achilles, de beste strijder van de Grieken, weigert om nog langer tegen de Trojanen in het strijdperk te treden na een ruzie met legerleider Agamemnon. De Trojanen vatten moed en komen met heel hun leger de stad uit om de Grieken aan te vallen. Maar net voordat de slag begint stapt Paris naar voren, hij is de eindeloze strijd moe, en stelt de Grieken voor om de oorlog te beslissen door een duel tussen hem en één van de Grieken. Onmiddellijk springt Menelaus naar voren om de uitdaging van zijn meest gehate vijand aan te gaan. Zodra Paris hem ziet zinkt de moed hem in de schoenen, en wil hij stiekem wegkruipen tussen de Trojanen. Onmiddellijk wordt hij door zijn broer Hector aangesproken, die hem uitmaakt voor een vrouwengek en een slappeling, en hem dwingt om het duel met Menelaus, dat hij zelf had uitgelokt, aan te gaan.

Duel met Menelaus

Hoewel Paris nog even tegenstribbelt, en zegt dat hij Helena heeft geschaakt op bevel van Aphrodite, doet hij wat er van hem verlangd wordt, en maken de twee legers ruimte tussen hen in vrij zodat de twee elkaar kunnen bestrijden. Nadat er offers aan de Goden zijn gebracht kan het duel beginnen, en mag Paris als eerste zijn speer naar Menelaus werpen. Die weet het wapen echter handig met zijn schild op te vangen. Dan werpt Menelaus, getergd en met al zijn kracht, een zijn speer naar Paris. Het wapen dringt door zijn schild en borstharnas heen en scheurt de tunica van Paris open. Hij weet echter nog net op tijd opzij te springen waardoor hij geen verwonding oploopt.

Redding door Aphrodite

Dan pakt Menelaus zijn zwaard, stormt op zijn vijand af, en laat het wapen met een zware klap op de helm van Paris neerkomen. De helm houdt de slag tegen maar het zwaard van Menelaus breekt in drie stukken. Grommend van ergernis pakt Menelaus daarop woedend de helmbos en sleept Paris met helm en al naar de Griekse gelederen. Door de druk van de helmriem dreigt Paris te stikken maar grijpt op dat moment de Godin Aphrodite in. Ze laat de helmriem van haar beschermeling breken waardoor Menelaus met een lege helm in zijn handen staat. Met een zwaai werpt hij die tussen de Grieken en gaat weer op Paris af. Snel hult Aphrodite hem in een dichte wolk, en voert hem weg van het strijdtoneel naar de slaapkamer van zijn eigen huis in de stad. Door deze plotselinge verdwijning van Paris, wordt het bestand verbroken en gaan de twee legers weer op elkaar af.

Vermaning Helena

Hector en Helena vermanen Paris.

Zodra Paris ontdekt waar hij is valt hij vermoeid op bed neer en komt even later Helena de kamer binnen in gezelschap van Aphrodite. De Godin brengt Helena met een lieve glimlach een stoel, zet die tegenover Paris neer, en gaat Helena zitten zonder Paris een blik waardig te gunnen. Vervolgens geeft ze hem een uitbrander. ‘Zo, ben je alweer terug van de strijd. En ik hoopte nog wel dat je zou sneuvelen onder de handen van mijn voormalige echtgenoot. Je ging er altijd zo prat op een betere strijder met de lans te zijn dan Menelaus. Beter in kracht en beter in behendigheid. Waarom daag je hem niet nog een keer uit? Maar, doe dat toch maar liever niet, anders bloedt je doodt met een speer in je hart.

Verzoening

Gekrenkt reageert Paris: ‘Vrouw, beschuldig me niet met je felle verwijten. Met de hulp van Athena wist Menelaus mij te verslaan. Maar ook ik heb Goden die me helpen, en de volgende keer is het mijn beurt. Maar kom, laten we naar bed gaan en de liefde bedrijven. Ik heb je nog nooit zo begeerd als nu, zelfs niet toen ik je wegvoerde uit Sparta en ik je op het eiland Cranae voor de eerste keer mocht bezitten. Nee, ik heb nog nooit zo vurig naar je verlangd als nu.’ Toen Paris uitgesproken was ging hij op Helena toe en nam haar mee naar bed waar ze zich samen ter ruste legden. Enige tijd later komt Hector met een lange speer in zijn hand de slaapkamer binnenlopen terwijl Paris zijn wapenuitrusting aan het oppoetsen was, tevreden kijkend naar zijn mooie boog, en Helena naast hem zat terwijl ze een oogje in het zeil hield op de dienstmeiden.

Veldslagen op de vlakte

Hector geagiteerd

Zodra Hector Paris ziet begint hij direct tegen hem uit te varen: ‘Man, je gooit je goede naam te grabbel door je zo te verschuilen terwijl onze mannen al strijdend voor de stad sneuvelen. Het is jouw schuld dat deze stad wordt aangevallen door de Grieken. Daarnaast ben je altijd de eerste om met iedereen ruzie te maken die je op het slagveld ziet terugdeinzen. Schiet op, en kom mee, voordat de stad in vlammen opgaat.’ Daarop antwoordde Hector: ‘Je hebt volkomen gelijk om mij verwijten te maken Hector. Maar ik verschuil me echt niet. Ik heb ook niets op de Trojanen aan te merken, maar ik trok mij terug in mijn kamer met mijn eigen verdriet. Zojuist heeft Helena me, in niet mis te verstane woorden, te kennen gegeven dat ik moet terugkeren naar de strijd. En ik denk dat ze gelijk heeft. Het geluk van de man in de strijd wisselt, dus wacht even tot ik me heb bewapend. Of ga anders vast vooruit. Ik volg je wel en zal je snel ingehaald hebben.

Helena en Hector

Hector is met stomheid geslagen over de woorden van zijn broer en zegt Helena: ‘Zwager, ik wilde dat ik een man getroffen had met enig gevoel voor de verwijten van zijn medemensen. Maar hij is nu eenmaal een wispelturige en labiele windvaan. Dat zal hij ook altijd wel blijven. Maar er zal een dag komen dat hij hier spijt van krijgt, daar ben ik zeker van. Maar blijf toch niet zo staan, Hector. Neem plaats op die stoel. Niemand in Troje heeft zo’n grote last als jij te dragen ten gevolge van mijn eigen schaamteloosheid en de slechtheid van Paris.’ Enigszins tevreden gesteld antwoordt Hector: ‘Je bent zeer vriendelijk Helena, maar vraag me niet om plaats te nemen. Ik kan alleen maar beleefd weigeren want ik ben al laat en moet de Trojanen weer gaan helpen in de strijd. Wat je wel voor me kunt doen is er voor zorgen dat die kerel opschiet. Misschien haalt hij me dan nog in voordat ik de stad verlaat.’ Na deze woorden vertrekt Hector en spoort Helena haar man aan om op te schieten. Vlug trekt Paris zijn harnas aan en haast zich de stad uit op zoek naar zijn broer.

Terug naar de strijd

Al snel haalt hij hem in, omdat Hector met zijn eigen vrouw had staan te praten, en zegt: ‘Lieve broer, ik was al bang dat ik te traag was waardoor ik je ongeduldig moest laten wachten om terug te keren naar de strijd. Ik was niet zo snel als je gevraagd had.’ Enigszins gekalmeerd zegt Hector vervolgens: ‘Dwaas, die je bent! Geen enkele man die bij zijn volle verstand is zal je wapenfeiten ontkennen, want je hebt genoeg moed. Maar je bent te snel geneigd om de strijd op te geven als het je zo uitkomt. Maar ik vind het beschamend om te horen als de Trojanen zo laatdunkend over je spreken terwijl jij de veroorzaker van hun ellende bent. Maar laten we gaan. Later, als het ons gelukt is de Grieken uit ons land te verjagen, zal ik je genoegdoening geven voor alles wat ik in mijn woede tegen je heb gezegd waardoor je mogelijk gekwetst bent.Hector doet er verder het zwijgen toe en samen lopen ze op het strijdgewoel, af waar de Trojanen verheugd zijn over hun terugkeer.

Krijgsraad

Raadsvergadering van Priamus

Er woedt intussen een bloedige strijd op de vlakte voor de stad en Paris maakt onmiddellijk een slachtoffer onder de Grieken. Met zijn zwaard velt hij Menesthius 1 uit Arne, de zoon van koning Areithous 1 ‘de knuppelaar’. De hele dag neemt hij dapper deel aan de gevechten totdat de avond valt, en de strijd gestaakt wordt vanwege de invallende duisternis. Die avond houdt koning Priamus krijgsraad en stelt Antenor 1 voor om Helena terug te geven aan de Grieken om zo een eind aan de strijd te maken. Dan springt Paris woedend op en vaart uit tegen de oude. ‘Antenor 1, het is een aanfluiting wat je zo-even voorstelde. Weet je echt niets beters te bedenken? Maar als je werkelijk meende wat je zei dan moeten de Goden je brein beneveld hebben en wordt het tijd dat ik de Trojanen eens ronduit mijn mening vertel. Ik verklaar dat ik nooit, maar dan ook echt nooit, mijn vrouw zal opgeven. Ik ben echter wel bereid om de schatten, die ik uit Griekenland meenam, terug te geven met nog iets extra’s van mezelf erbij.

Beslissing Priamus

Voordat Paris is uitgesproken wordt hij fel aangevallen door Polydamas, de strijdmakker van Hector, die het eveneens zat is te moeten vechten voor het liefje van Paris. Ook hem dient Paris van repliek, noemt Polydamas een lafaard, en gaat dan weer zitten waarna koning Priamus het woord neemt. ‘Mannen, luister naar mijn advies. Laat de zaak voor dit moment rusten. Morgenochtend sturen we Idaeus 1 naar de Grieken om het voorstel van Paris over te brengen. Bovendien laten we hem vragen om de vijandelijkheden tijdelijk te staken zodat we onze doden kunnen verbranden. Nadien kunnen we de strijd weer hervatten totdat de Goden tussen ons beslissen.’ Het advies van de koning wordt aanvaard en de volgende ochtend opgevolgd. De Grieken stemmen in met het voorstel om de doden te begraven en een tijdelijke wapenstilstand af te spreken. Het voorstel betreffende Helena werd echter verworpen waardoor enkele dagen later de strijd weer in volle hevigheid losbarst.

Verwonding Diomedes 1

Paris laat zich nu van zijn beste kant zien, en vuurt pijl na pijl op de Grieken af. Maar niet alleen mensen, ook dieren weet hij te raken. Zo schiet hij een van de paarden van Nestor een dodelijke pijl in het hoofd. Ook de grote Diomedes 1 weet hij te raken. Die ging op dat moment als een geweldenaar tekeer onder de Trojanen en doodde er velen. Vanaf de grafheuvel van Ilus 2, schuilend achter een grote zuil, spant Paris zijn boog en schiet Diomedes 1 in de wreef van zijn voet. De pijl gaat er dwars doorheen, en pint Diomedes 1 vast aan de grond. Lachend van strijdlust springt Paris tevoorschijn en roept: ‘Raak. Niet voor niets schoot ik op je. Maar ik had je liever in de buik getroffen dan was je nu morsdood geweest. Dan zouden de Trojanen, die nu voor je sidderen, weer wat op adem kunnen komen.’ Maar de dappere Diomedes 1 antwoord hem onverstoorbaar: ‘Schutterige schutter met je grote mond en je mooie krullen, meidengek, als je mij in een gevecht van man tegen man ontmoette, zou je met je armzalige pijl en boog niet veel kunnen uitrichten. Je overschat jezelf, m’n jongen. Je hebt alleen de zool van mijn voet geschramd. Mijn wapens hebben meer effect. Wie er door geraakt wordt is er onmiddellijk geweest.'

Aanval scheepskamp

Even later schiet Paris de strijdbare legerarts Machaon een driepuntige pijl in zijn schouder, waarna de Grieken hem snel van het strijdtoneel afvoeren. Een arts die wonden kan genezen is tenslotte veel waard. Intussen bedreigen de Trojanen het Griekse legerkamp en vallen de poort in de muur aan. Maar de Grieken blijven dapper weerstand bieden, en maken onder de Trojanen vele slachtoffers. Als Paris ziet dat de Griek Eurypylus 2 de Trojaanse aanvoerder Phausius doodt met zijn speer, en hem van zijn wapenuitrusting wil beroven, schiet hij hem een pijl in zijn dij waarna hij strompelend wegvlucht tussen zijn kameraden. Vervolgens valt Paris, samen met Alcathous 1 en Agenor 1, als aanvoerder van de tweede strijdgroep een poort in de muur om het schaapskamp aan. Schild naast schild rukken zij onverschrokken op tegen de Grieken, met de rest van het leger achter zich aan, om hen terug te jagen naar hun schepen. Er ontstaat een bloedige strijd waarbij over en weer geen genade wordt getoond. Als een vriend van Paris, Harpalion 1, sneuvelt schiet hij een pijl naar de dader, Euchenor 1. Het projectiel komt in zijn kaak terecht en dringt door in zijn hersens waardoor Euchenor 1 snel sterft. Maar ondanks de heftige strijdlust lijden de Trojanen hevige verliezen.

Hector maant Paris

Als Paris zo enige tijd aan de linkerkant van het front bezig is komt Hector op hem af en zegt: ‘Paris, jij vrouwengek, waar zijn Deiphobus 1, Helenus 1, Asius 1 en zijn zoon? En waar heb je Othryoneus gelaten. Als deze slachtpartij zo doorgaat is het snel met Troje gedaan en het einde nabij.’ Geagiteerd antwoordde Paris, ‘Je hebt het tegen de verkeerde, Hector. Ik heb nog nooit geaarzeld om te vechten. Ik ben niet als lafaard geboren, ondanks dat ik wel eens uitrustte van de vermoeienissen van de oorlog. Vanaf het moment dat je ons opdroeg om de poorten aan te vallen hebben wij dat gedaan en de Grieken er geducht van langs gegeven. De mannen waar je naar vraagt zijn gedood uitgezonderd Deiphobus 1 en Helenus 1, die zich gewond hebben teruggetrokken. Maar voer ons nu aan waarheen je wilt en we zullen je volgen met alle onverschrokkenheid die we bezitten. Niemand kan meer doen dan datgene waartoe hij in staat is, hoezeer je ook anders zou wensen.’ Zo wist Paris zijn broer te kalmeren en gingen ze samen naar die plaatsen waar de strijd het felst was.

Begin van het einde

Dood van Patroclus 1 en Hector

Achilles en zijn dode vried Patroclus.

Uiteindelijk weten de Trojanen het scheepskamp binnen te dringen en één van de schepen in brand te steken. Maar de Grieken blijven zich dapper verweren, onder aanvoering van de grote Ajax 1, en weten te voorkomen dat er nog meer schepen in brand gestoken worden. Ook Zeegod Poseidon steunt de Grieken en worden de Trojanen, beetje bij beetje, teruggedrongen. Op dat moment zien ze plotseling de wapenrusting van Achilles weer op het strijdtoneel verschijnen, en slaat de paniek bij de Trojanen toe. Het blijkt later echter Patroclus 1 te zijn, en niet Achilles, die gekleed in de wapenrusting van zijn vriend weer deelnam aan de strijd, terwijl hij de geduchte Myrmidonen aanvoerde. De Trojanen worden door hem weer teruggedreven naar de stad, maar slaagt Hector erin om Patroclus 1 te doden, en hem van zijn wapenrusting te beroven. Woedend over de dood van zijn vriend neemt Achilles enkele dagen later weer deel aan de strijd en weet op zijn beurt Hector te doden. Ontdaan van hun legerleider, durven de Trojanen niet meer uit hun stad te komen, en wachten bang op versterkingen uit naburige landen.

Penthesilea

Die arriveert tijdens de begrafenis van Hector, in de gedaante van de Amazone Penthesilea, die een groot leger strijdlustige vrouwen met zich meebracht. Toen ze echter hoorde dat Hector was gestorven, en Paris nu het leger aanvoerde, wilde ze naar huis terugkeren. Maar Paris schonk haar veel goud en zilver en wist Penthesilea uiteindelijk zo te overtuigen om te blijven en de Grieken te bestrijden. De volgende dag gaan de Trojanen, samen met de Amazonen, weer op de Grieken af en ontstaat er een bloedige strijd. De Grieken worden weer teruggedrongen maar weten wel veel slachtoffers te maken. Zo zie Paris hoe Sthenelus 1 zijn vriend Cabeirus tot een lijk maakt en schiet woedend een pijl naar de Griek. Deze miste echter net zijn doel en trof Evenor 2 uit Duluchium, die met Odysseus was meegekomen. Uiteindelijk weet Achilles Penthesilea te doden, is het met de vechtlust van de Trojanen weer gedaan, en vluchten snel hun stad weer in.

Dood Achilles

Zo sleept de strijd zich voort en krijgen de Trojanen af en toe nog steun uit het buitenland. Maar elke keer weten de Grieken, die fel werden aangevoerd door een ontketende Achilles, ook die hulptroepen te verslaan. Achilles wordt hierbij zo overmoedig dat hij zelfs Apollo uitdaagt. De God wordt hier zo kwaad over dat hij op het slagveld op zoek gaat naar Paris, die wat lukraak pijlen staat weg te schieten. Dan maakt Apollo zich aan hem bekend en zegt: ‘Verspil geen pijlen aan gewone soldaten, Paris! Mik op Achilles, als je om Troje geeft en wraak wilt voor je dode broers!’ Vervolgens wijst hij Achilles aan, die op dat moment net een rij Trojanen neermaait, en draait de boog van Paris de goede kant op. Dan laat Paris zijn pijl vliegen, en zorgt Apollo ervoor dat de scherpe punt precies in de hiel van Achilles terecht komt, zijn enige kwetsbare lichaamsdeel. Achilles probeert nog wel door te vechten maar verliest steeds meer kracht en sterft uiteindelijk vlak voor de muren van Troje. De Trojanen op de muren juichten van vreugde toen ze het zagen en overlaadden Paris met lof voor zijn slinkse schot.

Alternatieve versie

Volgens een alternatieve versie verliep de dood van Achilles echter op een andere wijze, en werd hij vanuit een hinderlaag gedood. Achilles werd in deze situatie door Hecabe 1, die hevig treurde om het verlies van haar zoon Hector, naar een tempel buiten Troje gelokt onder het voorwendsel dat ze haar dochter Polyxena 1 aan Achilles wilde uithuwelijken, als hij zou afzien van verdere deelname aan de strijd. Die nacht verborgen Paris en enkele dappere Trojanen zich in de tempel en wachtten op de komst van Achilles. De volgende ochtend kwam de hevig op Polyxena 1 verliefde Achilles, in gezelschap van Deiphobus 1, nietsvermoedend en ongewapend naar de tempel om met Hecabe 1 te spreken. Dan worden de twee onverwachts aangevallen door Paris en zijn mannen die het tweetal snel op weg naar de onderwereld sturen. Vervolgens gaf Paris opdracht om de lichamen als voer voor de honden en vogels te laten liggen, maar werd dit bevel herroepen door Helenus 1, die hun lichamen aan de Grieken gaf.

Strijd om het lichaam

Toen Achilles voor de muren van de stad was gestorven deed Paris zijn best om de bange Trojanen aan te vuren. ‘Laten we nu op de Grieken afgaan, nu Achilles dood is, en zijn lichaam met de paarden van Hector binnen de muren van de stad slepen, als vergelding voor de ontering van het lijk van mijn dappere broer. Dan zal elke man en vrouw in Troje zich kunnen verlustigen aan zijn dode lichaam om zo hun verdriet over hun gestorven verwanten te temperen.’ Na zijn woorden vatten de Trojanen moed en gaat er een grote groep op het lijk af. Maar dit wordt fel verdedigd door de grote Ajax 1 en Odysseus die elke poging van de Trojanen om de dode Achilles weg te slepen weten te verijdelen. Ook Paris richt zijn boog op Ajax 1, maar die was op zijn hoede, en wierp snel een steen naar zijn hoofd. De steen kwam met een geweldige dreun tegen zijn helm, en wordt het duister voor de ogen van Paris. Maar zijn vrienden sleepten hem, met de paarden van Hector, snel uit de gevarenzone en leverden het slappe lichaam af in de stad, terwijl Ajax 1 hem uitjouwde.

Aankomst Eurypylus 6

Eurypylus arriveert in Troje

De Grieken slagen er uiteindelijk in om de dode Achilles naar het scheepskamp te slepen en wordt er vervolgens een bestand van enkele weken afgesproken om alle doden te begraven en de gewonden te verzorgen. Tijdens dat bestand komt Eurypylus 6, de kleinzoon van Heracles, met een groot leger uit Mysië de Trojanen te hulp. Zodra Paris hem ziet zegt hij tegen Eurypylus 6: ‘Ik ben blij met je komst, en mijn hart vertrouwt erop dat de Grieken nu vernietigd zullen worden. Want zo’n man als jij heb ik nog nooit tussen de Grieken of Trojanen gezien. Alleen jij kunt Troje nog redden van de ondergang!’ Daarop antwoordde Eurypylus 6: ‘Beste Paris, wie de strijd zal winnen, en zij die het zullen overleven, ligt allemaal in de schoot van de Goden. Maar ik zal niet terugdeinzen in de strijd en nooit een vijand mijn rug toekeren. Ik beloof om me, zoals mijn plicht me opdraagt, met al mijn kracht in te zetten voor de verdediging van Troje.’ Daarna kiest Eurypylus 6 een aantal dappere Trojanen aan om hun eigen mannen in de strijd voor te gaan en trekken ze, zodra het bestand is afgelopen, gezamenlijk op naar het Griekse scheepskamp.

Laatste nacht met Helena

Ook de Grieken komen weer tot de tanden gewapend hun scheepskamp uit en ontstaat er weer een heftige strijd op de vlakte, waarbij de nu eens de Trojanen aan de winnende hand zijn en dan weer de Grieken. Tijdens deze gevechten weet Thoas 2 Paris in zijn been te verwonden en trekt hij zich terug om weer met zijn boog pijlen te schieten naar de vijand. Zo weet hij de broers Phorcys 3 en Mosynus, volgelingen van Ajax 1, te doden en kort daarna ook Cleolaus 2 en de dappere Eetion 3, die hij een pijl door zijn kaak schoot. Door de invallende duisternis worden de vijandelijkheden gestaakt en keerden beide legers terug naar basis. Die nacht brengt Paris, zonder het te beseffen, zijn laatste nacht in bed met Helena door. Want de Grieken hadden enkele nieuwe mannen in hun gelederen opgenomen, die dezelfde nacht in het scheepskamp aankwamen.

Dood van Paris

Philoctetes

De volgende ochtend breekt de strijd weer in alle hevigheid los en schiet Paris met zijn boog de Spartaan Demoleon 3 door een voltreffer recht in het hart dood. Dan richt hij zijn wapen op de pas gearriveerde Philoctetes, die in het bezit was van de boog van Heracles, en vuurt een pijl op hem af. Maar hij miste zijn doel, doordat Philoctetes iets opzij sprong, en trof de strijdlustige Cleodorus bovenin zijn borst. Philoctetes had echter gezien wie de pijl afschoot en roept tegen Paris: ‘Hond, ik zal je de dood bezorgen, waardoor je snel naar het Onzichtbare rijk beneden moet. Zo zullen zij rust hebben, die nu moeten zwoegen door jouw verachtelijke zaak. En wanneer jij dood bent, de veroorzaker van onze vloek, zal ook deze oorlog snel beëindigd worden.’ Dan trekt hij de boogpees tot aan zijn borst en vuurt een pijl af. De punt schampte slechts de pols van Paris, omdat hij snel opzij sprong. Maar Philoctetes had alweer een volgende pijl op zijn boog gezet en weet Paris ditmaal met een driepuntige pijl tussen dijbeen en lies te treffen. Dan geeft Paris de strijd op en vlucht jammerend naar de stad.

Oenone wordt herinnerd

Oenone en Paris

Hoewel Paris niet dodelijk getroffen was veroorzaakt de pijl een brandende pijn in zijn lichaam, die alleen maar erger wordt. Met bloedzuigers probeerden de Trojanen de wond te reinigen maar de pijl van Philoctetes bleek een van de oude pijlen van Heracles te zijn, die was gedoopt in het gif van de Hydra waardoor Paris uiteindelijk, na veel lijden, zou sterven. Dan herinnert Paris zich de uitspraak van zijn eerste vrouw, Oenone, die had gezegd dat hij gewond zou raken en zij de enige was die hem kon genezen. Snel stuurt hij een boodschapper naar haar toe met de vraag om naar Troje te komen en hem te genezen. Ze moest het verleden vergeten, want hij had haar moeten verlaten door de wil van de Goden. Maar Oenone is nog steeds boos op Paris, en weigert vol wrok te komen. Daarop stuurt Oenone een hooghartig antwoord waarin ze vertelde dat hij beter Helena om hulp kon vragen. Dan geeft Paris alle hoop op en sterft door het gif dat aan de pijlpunt had gezeten.

Dood Paris

Ondanks haar botte antwoord was Oenone nog steeds verliefd op Paris en lag in haar eenzame huis op bed te jammeren om haar verloren echtgenoot. Uiteindelijk krijgt ze spijt van haar besluit en gaat op weg naar Troje, met de benodigde kruiden, om Paris toch te genezen. Maar ze komt net te laat aan en breekt in een geweldig gejammer uit als ze het dode lichaam van haar geliefde opgebaard ziet liggen, en roept: ‘Wee mijn woede! O hatelijk leven! Ik hield van mijn ongelukkige man en droomde ervan om samen oud te worden. De Goden beslisten echter anders. Oh dat de zwarte Moiren me van de Aarde hadden gerukt voordat ik mij in haat afkeerde van Paris! Mijn levende liefde heeft me verlaten! Nu zal ook ik met hem sterven, want ik walg van het licht!’ Daarop snelt ze jammerend en snikkend door de bossen op de Ida, en springt uiteindelijk op de brandstapel waarop Paris werd gecremeerd. Zo stierf Oenone met Paris in haar armen, terwijl de vlammen om haar heen woedden.

Stambomen:

Priamus Hecabe 1 Cebren -
Paris Oenone
Corythus 4

Priamus Hecabe 1 Zeus Leda / Nemesis
Paris Helena
Aganus, Bunomus, Idaeus 3, (Corythus 4)

Bronnen:

©2015 Maarten Hendriksz